Onderwerpen: Gezondheid

  • De laatste ronde: hoe onze liefde voor alcohol verdween

    De laatste ronde: hoe onze liefde voor alcohol verdween

    Steeds meer jongeren kiezen ervoor om niet te drinken. Maar hoe ziet onze maatschappij eruit zonder alcohol? En kan een alcoholvervanger ons echt een roes zonder risico’s bieden?

    Keuze uit het archief

    Het jaar 2024 is bijna ten einde. Voor sommigen betekent dit dat de tijd van de goede voornemens weer is aangebroken. Een van die voornemens is om het jaar met een alcoholvrije maand te beginnen, de zogeheten Dry January. Dit artikel van The Guardian van twee jaar geleden laat zien hoe door de jaren heen steeds meer mensen er bewust voor zijn gaan kiezen om de drank te laten staan.

    Proost en mazzeltov! Halverwege januari merkten we dat ons lichaam het door alle feestelijke frivoliteiten zwaar te verduren had. Maar op de een of andere manier hebben we de ondraaglijke opeenstapeling van katers weer overleefd. We hebben de glasbakken gevuld en de flessen bubbels uit het zicht en uit het hoofd gezet. En voornemens in de trant van ‘een nieuw jaar, een nieuwe ik’ kunnen we inmiddels weer achter ons laten. Iemand zin in een biertje?

    Of heb je daar dit jaar toch net wat minder trek in? Je zou zeker niet de enige zijn die in 2023 overweegt om voorgoed te stoppen: welkom in het tijdperk van de sober-curious, de nieuwsgierigen naar nuchterheid. Blijkbaar bestaat er een steeds grotere beweging van mensen die willen uitvinden hoe een leven zonder alcohol eruitziet. Onder jonge Britten spreken de cijfers voor zichzelf. Het percentage 16- tot 24-jarigen in Engeland dat aangaf maandelijks te drinken daalde tussen 2002 en 2019 van 67 procent naar 41 procent. En hoewel de statistieken niet aantonen dat oudere volwassenen de drank voorgoed laten staan, is er toch iets aan het verschuiven. Volgens de organisatoren van Dry January probeerde een op de zes Britse volwassen alcoholdrinkers dit jaar mee te doen. Ooit waren alcoholvrije biertjes een marginaal verschijnsel, tegenwoordig liggen ze in de schappen van de supermarkten door het hele land. Een 0,0-bestelling gaat niet langer vergezeld van vragen over zwangerschap of verbaasde blikken.

    Tot voor kort ging ik ervan uit dat millennials los stonden van deze nieuwe generatie geheelonthouders en dat dit het domein was van Generatie Z. Maar onlangs merkte ik een verandering op. Nu zie ik een constante stroom van berichten in de tijdlijnen van mijn sociale media waarin vrienden – van eind twintig of begin dertig – aankondigen dat ze zomaar uit zichzelf voor een nuchter leven hebben gekozen.

    De meesten van hen stoppen niet vanwege een zogenaamd drankprobleem: ze besluiten gewoon dat ze beter af zijn zonder. Ook in de datingscene wordt dit zichtbaar. Volgens de app Bumble is een derde van haar Britse gebruikers nu meer geneigd om op een dry date te gaan dan voor de pandemie. En bijna twee derde gelooft dat nuchter daten leidt tot een duurzamere relatie.

    Exponentieel

    Ik kan niet beweren dat ik tot een generatie van onwelwillende drinkers behoor. In mijn tienerjaren werd drank vereerd als het toppunt van de zo felbegeerde volwassenheid. Mijn leeftijdgenoten waren tijdens de vroege pubertijd geen bijzonder zware drinkers, maar dat was een kwestie van vraag en aanbod. Toen ik vijftien was, pikte ik een paar biertjes uit het keukenkastje. Al snel werden de flessen sterke drank van mijn vader langzaam maar zeker verdund. De avond na mijn eindexamen gingen we met een groep kamperen. Tijdens het opzetten van de tenten tikte ik een tweeliterfles Strongbow-cider achterover en ik viel meteen in slaap.

    Op de universiteit nam het drinken exponentieel toe. We waren beter op de hoogte van de nieuwste aanbiedingen bij de slijter dan van onze lesstof, twee flessen ‘witte Italiaanse’ voor vijf pond vormden het ideale begin van de avond – van wat voor avond dan ook. Nu ik de dertig nader, ben ik gematigder geworden. Tequila Tuesdays? Mogen ze rusten in vrede. Desondanks vormt het nuttigen van alcohol zonder twijfel nog altijd een hoeksteen van mijn sociale leven, ondanks mijn Sober October-poging in 2017. Veel leuke ervaringen uit mijn jeugd – en, eerlijk gezegd, ook uit mijn volwassen leven – waren op z’n minst enigszins drankovergoten. Maar dat geldt blijkbaar niet voor iedereen.

    In Japan schreef de regering een wedstrijd uit om drinken onder jongeren te stimuleren

    De uitdrukking sober-curiosity [nuchtere nieuwsgierigheid] werd populair in 2018, maar de verandering in drinkgewoonten gaat verder terug. Amy Pennay, senior onderzoeker aan La Trobe University’s Centre for Alcohol Policy in Melbourne, volgt wereldwijd de alcoholconsumptie. ‘In rijke landen zien we zeker dat jongeren minder gaan drinken,’ aldus Pennay. En dat is al gaande sinds de millenniumwisseling. ‘De VS waren koploper in 1999,’ zegt Pennay. ‘In IJsland, Zweden en de andere Scandinavische landen begon de daling in 2001. Daarop volgden de overige West-Europese landen, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland. Vervolgens, rond 2005, ook het overige grootste deel van Europa.’ Alcohol is een belangrijke bron van belastinginkomsten; in Japan schreef de regering zelfs een wedstrijd uit om drinken onder jongeren te stimuleren.

    ‘Wanneer het alcoholverbruik in een land verandert, zie je dat normaal geproken terug in alle delen van de bevolking,’ zegt Penney. ‘Maar nu blijven ouderen drinken, terwijl de gewoonte bij jongeren afneemt.’ Deze generatie, zegt ze, is dus de drijvende kracht achter een verschuiving die niet kan worden verklaard door traditionele factoren zoals veranderde vergunningen, recessie of oorlog. Vooralsnog is het onduidelijk of jongeren ook later beginnen met drinken. Maar als de huidige trend doorzet, zou alcohol op een dag wel eens achterhaald kunnen zijn.

    Alternatief

    Om vier uur ’s middags op een winterse donderdag is het druk aan de bar van de studentenvereniging Liverpool University Guild. Een groepje studenten staart naar hun laptop; ernaast nippen twee ouder uitziende gasten, verwikkeld in een verhitte discussie, aan een cappuccino. Het is nog vroeg, maar voor een studentencafé wordt er verrassend weinig gedronken; ik tel slechts een handvol dat een middagbiertje drinkt. Het past wel dat ik hier zit met het hoofd van de Sober Society van Liverpool – een naam die tot voor kort nogal onconventioneel was. De Sober Society, opgericht in het vorige academiejaar, is een nieuwe naam op de lijst van studentenorganisaties hier, maar zeker niet de enige club in zijn soort die de afgelopen jaren opdook. UCL, Queen Mary’s, York en Leeds zijn slechts enkele van de vele instellingen die voor ‘nuchter-nieuwsgierige’ groepen alcoholvrije evenementen organiseren.

    Joey Duckworth, nu drieëneenhalf jaar geheelonthouder, is sinds september vorig jaar voorzitter. Een logische stap voor de zeventwintigjarige student astrofysica. Op zijn negentiende ging hij voor de eerste keer naar de universiteit, maar hij had moeite om bij te blijven en stopte. In de daaropvolgende jaren, zegt hij, werd drank een probleem. Tegen de tijd dat hij zich opnieuw inschreef, was dat definitief verleden tijd. ‘Er bestaat nog steeds een zware drinkcultuur op de universiteit,’ zegt hij, ‘en Liverpool staat bekend om zijn nachtleven.’ Op de meest recente beurs voor eerstejaars bemande Duckworth de Sober Society-kraam en keek hij eens rond bij andere uitgestalde aanbiedingen. ‘Allemaal boden ze vooral alcoholgerelateerde evenementen aan: kroegentochten, ontmoetingen in pubs, drinksessies… Wij willen een alternatief bieden voor wie niet of minder wil drinken.’

    We gaan naar een zaaltje in een aangrenzend gebouw. Daar zijn dertig studenten bijeengekomen voor een sober social, een alcoholvrij samenzijn, voorzien van een stapel bordspellen. Vorig jaar ging het tijdens deze bijeenkomsten vooral over de relatie van de aanwezigen met alcohol. Nu is de belangrijkste functie om vriendschappen te laten opbloeien zonder drank. Eerstejaarsstudent Hannah drinkt af en toe, maar vindt de mate waarin op de campus gedronken wordt buitenproportioneel; Isabella, 18, houdt niet van de smaak noch van het idee dat ze geen controle meer heeft. ‘Het is alsof er nu minder druk bestaat om te drinken,’ zegt Angelina, 19. ‘Er zijn ook zoveel redenen om het niet te doen, zoals lichamelijke en geestelijke gezondheid. En het is duur en door de katers kun je je moeilijk op je werk concentreren.’

    Tien jaar geleden leek de mentaliteit op de campussen: ‘Drink je er maar doorheen’. De huidige lichting daarentegen schaamt zich niet om nee te zeggen. Generatie Z, nog meer digital native dan de millennials, is beter geïnformeerd over de gevaren van alcohol. In mijn tienerjaren leek het volkomen normaal om foto’s van dronkenschap te uploaden naar het pas opgerichte Facebook; tegenwoordig begrijpen jongeren de gevaren van deze onlinebeelden. Simpel gezegd, ze zijn zelfbewuster. De universiteit wordt steeds meer gezien als een weg naar de arbeidsmarkt, niet als een tussendoortje. Drinken leidt af bij de zware strijd om een baan.

    De gin-o’clock-cultuur en prosecco-drinkende ouders hebben alcohol misschien wel oncool gemaakt

    Het is ook mogelijk dat drank uit de mode is geraakt. De gin-o’clock-cultuur en prosecco-drinkende ouders hebben alcohol misschien wel oncool gemaakt. Er zijn tekenen dat jongeren steeds vaker illegale drugs gebruiken. En er is ook nog de kostencrisis: alcohol is een luxe die velen zich niet kunnen veroorloven. In plaats van zichzelf wezenloos te drinken, voelen jongeren de druk om productief te zijn, hetzij op het werk, hetzij door te proberen de wereldwijde klimaatramp op te lossen.

    Weinig mensen kunnen dit fenomeen beter uitleggen dan Millie Gooch, oprichtster van de Sober Girl Society, een grote onlinegemeenschap van niet-drinkende jonge vrouwen, die ook regelmatig live-evenementen organiseert. Gooch, nu 31, was vroeger een grote drinker. ‘Toen ik 26 was,’ vertelt ze, ‘was mijn leven een cyclus van uitgaan, dronken worden, een kater en dan weer van voren af aan. Op een ochtend werd ik wakker en realiseerde ik me: dit kan zo niet doorgaan.’

    Een vloedgolf van nieuwe boeken en onlinebronnen bood haar al direct houvast. ‘Google maar eens sober-curiosity– er is zoveel te vinden,’ zegt Gooch. ‘Podcasts, influencers, online-artikelen – de generatie van onze ouders beschikte niet over al deze bronnen.’ Technologie is ook een factor. ‘Je wilt niet dronken viraal gaan op TikTok – dat is iets wat zomaar kan gebeuren. Onze ouders hoefden als ze wakker werden niet te denken: “Shit, heb ik nou gisteravond mijn ex vijftien keer gebeld?” Als ik wakker werd met een kater zag ik vrienden op Instagram die stoelen aan het opknappen waren of iets anders nuttigs deden. Ik voelde me schuldig dat ik het weekend dan wel dronken, dan wel in bed had doorgebracht.’

    Gooch predikt geen evangelie van geheelonthouding of onthouding. Haar organisatie is geen alternatief voor Anonieme Alcoholisten. ‘Ik wil gewoon dat mensen zien dat er een andere relatie met alcohol mogelijk is,’ zegt ze. ‘Toen ik nog dronk had ik een leuke avond zolang ik de hoeveelheid onder controle hield. De problemen ontstonden pas als ik te ver ging.’

    Voetstuk

    Dus waarom zou je het risico nemen? Als we alleen naar de medische gegevens kijken, is alcohol zeker een plaag voor de wereldbevolking. Een studie in The Lancet uit 2018 meent dat er ‘geen veilig niveau van alcoholconsumptie’ bestaat, en raadt regeringen aan om totale onthouding te adviseren. Een recenter artikel, gepubliceerd in hetzelfde medische tijdschrift, stelde dat mensen onder de veertig jaar alcohol moeten vermijden omdat het nuttigen ervan aanzienlijke gezondheidsrisico’s en geen voordelen met zich meebrengt. Zoals hoofdauteur Emmanuela Gakidou het formuleert: ‘Onze boodschap is simpel: jongeren moeten niet drinken.’

    Maar ondanks alle nadelen van recreatief drinken, kan het ook gewoon leuk zijn. Eeuwenlang speelde alcohol een grote rol in onze meest gedenkwaardige avonturen; drank hielp ons om los te komen. Het vooruitzicht van een generatie geheelonthouders – die zich nooit zal overgeven aan de geneugten van de roes vanwege de onophoudelijke druk van het eenentwintigste-eeuwse leven – stemt enigszins somber, bijna triest. Is dat mijn eerste flirt met de ‘in mijn tijd was alles beter’-fase van het ouder worden? Of zou het kunnen dat ondanks de rationele redenen voor onthouding, er ook echt iets verloren gaat?

    Alcohol is in de westerse cultuur lange tijd op een voetstuk geplaatst. Maar volgens sommigen zwaait de slinger nu te ver de andere kant op.

    In Drunk, zijn boek uit 2021, worstelt Edward Slingerland met deze vraag. Als hoogleraar filosofie aan de Universiteit van British Columbia gelooft hij dat de huidige consensus over alcoholgebruik niet helemaal juist is. ‘We hebben te vaak een beperkte kijk op de rol die alcohol heeft gespeeld in de vorming van de samenleving,’ stelt Slingerland in een gesprek via Zoom. De focus op berichten over de volksgezondheid gaat volgens hem voorbij aan andere, minder tastbare voordelen van drank in ons leven. ‘Natuurlijk,’ maakt Slingerland duidelijk, ‘is het totale netto fysiologische effect van alcohol negatief. Puur vanuit gezondheidsperspectief bekeken kun je er maar beter vanaf blijven. Maar als je een bredere wetenschappelijke, antropologische en historische blik op alcohol werpt, gaat het niet alleen om de medische kant.’ Kijk maar naar het menselijk brein, betoogt Slingerland; dat kan een goede reden zijn om jezelf nog eens een glas in te schenken.

    ‘De prefrontale cortex (PFC),’ legt Slingerland uit, ‘speelt een centrale rol bij het uitvoeren van cognitieve controle. Hij stelt je in staat om gefocust te blijven en taken af te ronden.’ Of het nu gaat om planning, besluitvorming of het matigen van gedrag, de PFC is er een integraal onderdeel van. ‘Maar het mes snijdt aan twee kanten,’ aldus Slingerland, ‘want de PFC is ook beperkend: sommige inzichten vereisen creativiteit en het vermogen buiten de kaders te denken.’

    En dat, gaat Slingerland veder, is waar alcohol om de hoek komt kijken. Simpel gezegd kan alcohol de PFC kalmeren en onze geest verruimen. ‘Alcohol is als een culturele technologie, die we hebben ontwikkeld om ons even terug te voeren naar de hersenen van een vijfjarige,’ meent Slingerland. ‘We worden er flexibeler en creatiever van. Na een paar uur is het effect uitgewerkt en kunnen we de resultaten noteren.’ Door de geschiedenis heen werd alcohol overal ter wereld geassocieerd met creatievelingen: kunstenaars, dichters, grote denkers. ‘En dit is geen mythe,’ zegt hij. ‘Er zijn stevige bewijzen dat alcohol de creativiteit verhoogt. En dat is wat we als samenleving ook nodig hebben.’

    Ik voorspel een minder creatieve en meer geatomiseerde samenleving

    Daarnaast kan alcohol een belangrijke rol spelen bij het bevorderen van relaties. Door de PFC tijdelijk uit te schakelen, zijn we geneigd andere mensen meer te vertrouwen en opener te zijn. ‘Zoals handen schudden begon als een manier om te laten zien dat we geen wapens dragen,’ zegt Slingerland, ‘is het als we een biertje drinken – ofwel onze PFC uitschakelen – alsof we onze mentale wapens aan de kant zetten. Door de PFC te ontspannen, is het moeilijker om te liegen of onoprecht te zijn.’ En, voegt hij eraan toe, alcohol stimuleert de aanmaak van chemische stofjes zoals dopamine, serotonine en endorfine, waardoor we ons prettig voelen. ‘Die maken ons niet alleen minder geneigd om vals te spelen; doordat we ons positief ten opzichte van elkaar opstellen, ontstaat er bovendien een band die cruciaal is voor ons menszijn.’

    Hetzelfde resultaat kan worden bereikt met andere stoffen. Bedwelmende middelen zoals cannabis kunnen soortgelijke functies vervullen, hoewel de effecten minder uniform zijn. En de genoemde effecten kunnen ook ontstaan door bijvoorbeeld slaaponthouding of inspannende groepswandelingen. In religies en culturen die alcohol beperken, zegt Slingerland, worden vaak andere praktijken toegepast. Maar zonder dergelijke alternatieven, concludeert hij, zou er iets verloren gaan. ‘Het zou zorgwekkend zijn als deze effecten teniet worden gedaan. Ik voorspel dan een minder creatieve en meer geatomiseerde samenleving. Als het klopt dat jongeren in een sociale omgeving minder vaak in een roes verkeren, voorspel ik een afname van innovatie en ook van samenwerking.’

    Slingerland verwoordt wat een gelegenheidsdrinker als ik niet helemaal kan plaatsen. Waarom houden we toch vol, ondanks het feit dat we weten dat alcohol enorm verslavend is, tot allerlei ziekten leidt en in 2021 de oorzaak was van bijna tienduizend sterfgevallen in het Verenigd Koninkrijk? Alcohol is blijkbaar ook functioneel en voor velen de risico’s waard. Gelukkig lijkt er binnenkort een oplossing voor deze paradox te komen.

    Sentia

    Professor David Nutt is een van de belangrijkste Britse drugsexperts. De laatste jaren probeert hij een vervanger voor alcohol samen te stellen. Het gaat hem er niet om de smaak van wijn of bier na te bootsen – wat in feite dure frisdranken oplevert – maar om een effect dat ook hij ‘functioneel’ noemt. ‘Als alles volgens plan verloopt,’ legt hij uit, ‘hebben we binnenkort een ingrediënt dat aan elke drank kan worden toegevoegd om de sensatie van een paar eenheden alcohol te creëren. Zo worden duidelijke sociale voordelen gereproduceerd zonder risico’s.’

    Er is al één product op de markt: Sentia, een natuurlijke, plantaardige drank die zich richt op bepaalde zenuwreceptoren om de ervaring van die eerste paar glazen na te bootsen. ‘En we hebben ook een nieuwe molecuul uitgevonden,’ aldus Nutt. ‘Die heet Alcarelle, en wordt momenteel getest op voedselveiligheid. Alcohol is de ultieme sociale drug. Er is een goede reden om het te gebruiken. We willen een alternatief vinden dat de positieve effecten heeft, en tegelijkertijd een heleboel levens spaart.’

    De medische redenen om geen alcohol te drinken zijn evident. En net zoals we blij mogen zijn dat minder jongeren roken, mogen we het vanuit gezondheidsoogpunt ook waarderen dat het alcoholgebruik afneemt. Maar als je verder kijkt, zie je dat gezondheid niet de enige drijfveer is achter de beweging van nuchtere nieuwsgierigen. Of het nu de druk is van sociale media, het onderwijs, de economie of de arbeidsmarkt, misschien hebben jongeren moeite zich over te geven aan een middel dat je tijdelijk afleidt van alle spanningen van het moderne leven. En dat, denk ik, zou wel eens zorgelijk kunnen zijn.

    Alcohol – meestal met mate – heeft veel plezier in mijn leven gebracht. Dat waardeer ik en daar komt mijn liefde voor drinken vandaan. Vooralsnog lijkt het erop, zoals wel vaker, dat jongeren verstandigere keuzes maken dan degenen voor hen. Gelukkig biedt de wetenschap binnenkort mogelijk een oplossing waarmee de genoegens behouden blijven terwijl de potentiële schade enorm kan worden beperkt. Interessante stof dus voor in de kroeg vanavond, of tijdens een inspannende nachtelijke groepswandeling.

    Dit artikel werd geselecteerd en vertaald in samenwerking met 360 Magazine.

  • Italië verzet zich tegen Ierse waarschuwingen op wijn

    Italië verzet zich tegen Ierse waarschuwingen op wijn

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Meer dan 4300 doden bij aardbeving in Turkije en Syrië

    » Zelensky mogelijk deze week op bezoek in Brussel

    Italië tegen stigmatisering van wijn

    De wens van Ierland om het vermelden van de gevaren van alcoholmisbruik verplicht te stellen op wijn, bier en gedistilleerd is prima, maar het mag niet leiden tot stigmatisering van het drinken van wijn, want dat is gezond als het met mate gebeurt. Aldus de Italiaanse minister van Landbouw en Voedsel, Francesco Lollobrigida – inderdaad familie van de onlangs overleden actrice Gina – na een ontmoeting met zijn Ierse collega Charlie McConalogue op een bijeenkomst van Europese landbouwministers. Italië protesteert tegen de voorgestelde etikettering op wijn – naar voorbeeld van die op pakjes sigaretten – en wil dat de EU de zaak zo nodig voorlegt aan de Wereldhandelsorganisatie, aldus ANSA.

    Italiaanse wijnproducenten vrezen dat de export, jaarlijks 60 miljard euro, door de etikettering zal worden getroffen. Ze werken daarom met collega’s in Frankrijk, Spanje en andere belangrijke wijnproducerende landen aan een gezamenlijke verklaring.

    Lollobrigida zei na zijn gesprekken met McConalogue: ‘Er mag geen stigma komen op producten die, mits met mate geconsumeerd, in feite bijdragen aan het welzijn, en dat is wat wijn volgens ons doet.’

    Lees ook:

  • Brits-Columbia decriminaliseert harddrugs voor persoonlijk gebruik

    Brits-Columbia decriminaliseert harddrugs voor persoonlijk gebruik

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » The Times: EU en VK bereiken akkoord over kwestie Noord-Ierland

    » Salman Rushdie zal nieuwe roman niet promoten

    Decriminalisering moet gebruik omlaagbrengen

    Brits-Columbia decriminaliseert het bezit van kleine hoeveelheden heroïne, fentanyl en andere harddrugs. Vanaf dinsdag en voor een periode van drie jaar mogen volwassenen in deze westelijke Canadese provincie tot 2,5 gram drugs bij zich hebben voor persoonlijk gebruik, bericht Radio Canada. Het initiatief is bedoeld om de opioïdencrisis, die duizenden Canadezen het leven heeft gekost, in te dammen en het gaat vooralsnog om een pilotproject.

    Voorstanders hopen dat decriminalisering het stigma rond harddrugsgebruik zal opheffen, zodat gebruikers hulp kunnen zoeken. ‘In plaats van als criminelen, zullen zij met zorg en mededogen worden behandeld’, verklaarde de minister van Geestelijke Gezondheid en Verslavingen van Brits-Columbia aan de Canadese radiozender. Zij voegde eraan toe dat er tegelijkertijd een voorlichtingscampagne over drugsgebruik en verslavingen zou worden gestart.

    ‘Decriminalisering lost het probleem niet op‘, zei dr. Brian Conway, medisch directeur van het Centrum voor Infectieziekten in Vancouver, in gesprek met Radio Canada. ‘Het betreft veelal zeer kwetsbare mensen die te maken hebben met huisvestingsonzekerheid, financiële onzekerheid en voedselonzekerheid. Dat zijn de dingen die aangepakt moeten worden.’

    Lees ook:

  • China wil dat stellen meer baby’s krijgen. Kan ivf uitkomst bieden?

    China wil dat stellen meer baby’s krijgen. Kan ivf uitkomst bieden?

    De bevolking in China krimpt voor het eerst in lange tijd. De regering probeert het probleem aan te pakken door vruchtbaarheidstrajecten te subsidiëren, die voor veel stellen op dit moment te duur zijn. Toch lijkt dit weinig uit te halen. ‘Het algemene beeld is dat mensen minder geneigd zijn om kinderen te krijgen.’

    Deze koude en bewolkte ochtend in november is een dag vol beloftes voor Guo Meiyan en haar man: ze hebben eindelijk de kans om een gezin te stichten. Maar Guo (39), die op een brancard naar een ziekenhuiskamer is gereden waar een arts haar bevruchte eicellen weer terug in haar baarmoeder plaatst, is ook angstig. ‘Als de transplantatie niet slaagt is al het geld dat we hebben uitgegeven weggegooid, alle pijn die ik heb doorstaan vergeefs geweest en zullen we opnieuw moeten beginnen.’ Ze is samen met haar man vanuit de noordelijke stad Zhangjiakou 200 kilometer naar Beijing gereisd. Tijdens de laatste fase van de ivf-behandeling woonden ze een maand lang in hotels om dicht bij het ziekenhuis te zijn.

    Ze behoren tot de honderdduizenden Chinese stellen die elk jaar een beroep doen op voortplantingstechnologie, nadat andere mogelijkheden om zwanger te worden zijn uitgeput. Mensen die vanuit alle hoeken van het land naar grote steden als Beijing reizen in de hoop hun kansen op een kleine te vergroten. Velen van hen staan al voor zonsopgang in lange rijen voor ziekenhuizen, enkel voor een consult.

    De Chinese regering wil de techniek, die pas in 2001 legaal werd in China, nu toegankelijker maken. De belofte is om een deel van de kosten – meestal enkele duizenden dollars voor elke ivf-ronde – te dekken via een nationale ziektekostenverzekering. Het is een van de meer dan een dozijn beleidsmaatregelen die de Chinese overheid neemt tegen wat wordt gezien als een zeer groot probleem: een vruchtbaarheidscijfer dat zo laag is dat de Chinese bevolking begint te krimpen.

    ‘Dubbel inkomen, geen kinderen’

    China heeft dit punt eerder bereikt dan andere landen in een vergelijkbaar stadium van economische ontwikkeling. Nu er elk jaar minder baby’s worden geboren en de oudste mensen in China langer leven, ziet de regering zich genoodzaakt een aantal met elkaar samenhangende problemen aan te pakken: een krimpende beroepsbevolking, een pensioenstelsel dat nog in de kinderschoenen staat en een generatie jongeren die niet geïnteresseerd is in het krijgen van kinderen.

    Het subsidiëren van vruchtbaarheidsbehandelingen zoals ivf ‘is nogal wat’, aldus Lin Haiwei, directeur van het Beijing Perfect Family Hospital, waar Guo haar procedure onderging. Bij deze technologie worden eicellen in een laboratorium met sperma bevrucht, waarna de embryo, als het is gelukt, in de baarmoeder wordt geplaatst. Patiënten gaan ver om vruchtbaarheidsbehandelingen te kunnen betalen. Sommigen sluiten leningen af bij familieleden. Boeren plannen hun afspraken na de oogst in de herfst, wanneer ze geld hebben. Maar ook al is er een duidelijke vraag naar vruchtbaarheidsbehandelingen, het aantal patiënten dat het ziekenhuis bezoekt, daalt elk jaar, aldus Lin. ‘Het algemene beeld is dat mensen minder geneigd zijn om kinderen te krijgen.’

    De grootste uitdaging voor China is dan ook om het dalende geboortecijfer te keren. Jonge mensen klagen over economische onzekerheid en over de financiële lasten die het krijgen van kinderen met zich meebrengt. Daarnaast verzetten ze zich tegen de traditionele ideeën over de rol van de vrouw als huisvrouw. Ze willen zich concentreren op hun carrière of omarmen een levensstijl die bekendstaat als ‘dubbel inkomen, geen kinderen’.

    De overheid doet ondertussen haar best een van de laagste vruchtbaarheidscijfers ter wereld op te krikken. Volgens deskundigen is het vrijwel onmogelijk om de Chinese bevolking weer te laten groeien, maar kan het land zijn geboortecijfer wel op peil houden. Het toegankelijk maken van voortplantingstechnologieën zou kunnen helpen, zoals het ook heeft geholpen in rijkere landen als Denemarken, zegt Ayo Wahlberg, antropoloog aan de Universiteit van Kopenhagen.

    ‘Het is als het plakken van een pleistertje op een enorme wond’

    China heeft onlangs beloofd tegen 2025 minstens één ivf-faciliteit te bouwen per 2,3 tot 3 miljoen mensen. Het land telt nu 539 medische instellingen en 27 spermabanken die zijn goedgekeurd om voortplantingstechnologie toe te passen. Elk jaar verzorgen deze instellingen meer dan een miljoen ivf- en andere vruchtbaarheidsbehandelingen. Zo’n driehonderdduizend baby’s werden er tot nu toe verwekt.

    Volgens deskundigen zijn dit zinvolle manieren om stellen met een kinderwens te helpen. Als China deze diensten op een betaalbare manier kan uitbreiden, kan het zelfs model staan voor andere landen die met soortgelijke vruchtbaarheidsproblemen kampen. Maar of het veel zal veranderen aan de demografische ontwikkeling van het land is de vraag. ‘Het is als het plakken van een pleistertje op een enorme wond,’ zegt Wahlberg, die een boek schreef over vruchtbaarheid in China.

    Ivf veranderde het leven van stellen als Wang Fang en haar man. Wangs eerste huwelijk eindigde in een scheiding, omdat het kinderloos bleef. In 2016 kreeg ze twee ivf-behandelingen en in 2017 beviel ze van een tweeling. Zowel Wang, een fabrieksarbeider, als haar man, een elektricien, gaven tijdens de zwangerschap hun baan op om zich voor te bereiden op de geboorte.

    ‘Als je geen kinderen hebt kan je je in onze woonplaats eigenlijk niet vertonen’

    Toen de eerste ivf mislukte, waren ze erg van slag. Ze kwamen erachter dat ze misschien een spermadonor nodig hadden, iets wat Wang voor de familie verzweeg; haar ouders denken dat de vruchtbaarheidsproblemen van het stel aan haar te wijten zijn. ‘Als je geen kinderen hebt kan je je in onze woonplaats eigenlijk niet vertonen,’ zegt ze. De wachttijd van veertien dagen om te bepalen of de behandeling succesvol was, voelde de tweede keer dat ze ivf deden ‘als een halve eeuw’, zegt ze.

    Familieleden boden aan bij te springen met spaargeld om de kosten van meer dan 20.000 euro te dekken. Het is een enorm bedrag voor het echtpaar, dat maandelijks een gezamenlijk inkomen van minder dan 1100 euro had toen ze allebei nog werkten. ‘Ivf is niet eenmalig, en ons geld was na verschillende grote uitgaven op, dus we moesten geld lenen om door te gaan,’ aldus Wang. Als een deel van die kosten door de ziektekostenverzekering zou zijn vergoed, zoals de regering nu van plan is. ‘Dan zou dat ons zeker hebben geholpen en de druk enigszins hebben verlicht’.

    Complexe relatie

    Een ivf-behandeling kan tussen de 4500 en 11.000 euro kosten, voor veel stellen zijn vier of vijf behandelingen nodig. Elke behandeling heeft een slagingskans van ongeveer 30 procent. Met de nieuwe overheidsmaatregelen zou de ziektekostenverzekering waarschijnlijk ongeveer de helft van de kosten dekken, zegt Lin Haiwei van het Beijing Perfect Family Hospital. Het beleid is nog niet in werking getreden, de details zijn onduidelijk en een dodelijke uitbraak van corona zou de zaken kunnen vertragen. Toch verwacht Lin dat een versie van het beleid in de komende maanden zal worden ingevoerd. Maar hij is ook realistisch over het effect ervan. ‘Het is lastig om veel groei in onze sector te verwachten aangezien het algemene vruchtbaarheidscijfer en de bereidheid om kinderen te krijgen afnemen.’

    China heeft een complexe relatie met vruchtbaarheid. Drie decennia lang beperkte de overheid gezinnen tot één kind, soms met brute maatregelen. Tegenwoordig wordt 18 procent van de paren in China geconfronteerd met onvruchtbaarheid – wereldwijd is het gemiddelde ongeveer 15 procent. Onderzoekers noemen daarvoor verschillende factoren, waaronder het feit dat Chinese koppels vaak pas later kinderen krijgen en de veelvuldige abortussen in het land, die volgens deskundigen invloed kunnen hebben op de vruchtbaarheid.

    Su Yue (32) had zelf nooit een sterke kinderwens, maar haar man en schoonfamilie wel. Nadat het stel het enkele jaren had geprobeerd, gaf haar schoonmoeder hun geld om met ivf-behandeling te beginnen. Vorig jaar hadden ze succes. Su is dol op haar zoon, die ze liefkozend ‘Cookie’ noemt. Maar ze vertelt ook dat het moederschap haar haar baan heeft gekost. Toen ze vanuit huis werkte kon ze borstvoeding geven, maar dat veranderde toen haar werkgever eiste dat ze naar kantoor kwam. Als millennial met carrièreplannen betreurt ze deze gang van zaken.

    Guo Meiyan doet het thuis in Zhangjiakou rustig aan sinds de succesvolle behandeling eind november. In het restaurant van haar en haar man was het druk in de periode rond nieuwjaar. Ze helpt nog steeds mee in de zaak en vond daarnaast de tijd om twee dekens te breien voor de baby. Maar meestal probeert ze te rusten in bed, zegt Guo. ‘Ik ben de hele tijd misselijk en draaierig.’

    Lees ook:

  • Ierland wil gezondheidswaarschuwingen op alcoholische producten

    Ierland wil gezondheidswaarschuwingen op alcoholische producten

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Donald Trump trapt nieuwe verkiezingscampagne af

    » Rond de zeshonderd doden sinds begin protesten Iran

    De EC geeft groen licht, de drankindustrie is minder blij

    In Europa woedt een strijd over het Ierse plan om gezondheidswaarschuwingen op flessen wijn, bier en sterke drank verplicht te stellen, zo berichtte Politico Europe vorige week. Ierland wil dat alcoholische producten evenals pakjes sigaretten in de toekomst ook gezondheidswaarschuwingen zullen bevatten waarin staat dat het drinken van alcohol leverziekten veroorzaakt, schadelijk is voor de ongeboren baby en rechtstreeks verband houdt met dodelijke vormen van kanker. Dit om alcoholmisbruik en de belasting die dat voor ziekenhuizen betekent, te verminderen.  

    Hoewel de Europese Commissie de weg voor Ierland heeft vrijgemaakt om de nieuwe etiketten in te voeren, heeft het plan tot verzet geleid in de EU, waar negen lidstaten bezwaar hebben aangetekend en de drankindustrie het een aanval op de interne markt van de sector noemt. De Ierse autoriteiten weten dat het aanbrengen van waarschuwingen voor kanker op alle alcoholische producten een commercieel mijnenveld creëert waardoor de belangen van de volksgezondheid tegenover die van de wijnmakers, brouwers en distilleerders van Europa en de wereld komen te staan.

    ‘De vergelijking tussen alcohol en sigaretten is onterecht. In de juiste hoeveelheid, een glas per maaltijd, is wijn goed voor de gezondheid’

    De drankindustrie heeft ook al van zich laten horen. ‘De vergelijking tussen alcohol en sigaretten is onterecht. In de juiste hoeveelheid, een glas per maaltijd, is wijn goed voor de gezondheid’, aldus de voorzitter van landbouworganisatie Coldiretti. Ook zou er geen onderscheid worden gemaakt tussen gematigd en overdadig drankgebruik en zou het vrij verkeer van goederen en bijgevolg de Europese markt in gevaar komen.  

    Mocht het plan doorgang vinden, dan zal het op z’n vroegst in 2026 doorgevoerd kunnen worden. De lobbyactiviteiten van de drankindustrie zouden dit proces nog verder kunnen vertragen of de invoering zelfs helemaal tegen kunnen houden.

    Lees ook:

  • ‘Tragische strijd’: In de frontlinie van China’s coronacrisis

    ‘Tragische strijd’: In de frontlinie van China’s coronacrisis

    Er is een tekort aan medisch personeel en onder hen zijn velen ziek aan het werk – ondertussen bezwijkt de nationale gezondheidszorg onder de druk van een toenemende crisis.

    Onderuitgezakt in een rolstoel of liggend op een brancard verdringen de zieke patiënten zich op de spoedeisende hulp van een ziekenhuis in het noorden van China. Samengeperst in de smalle ruimten tussen liftdeuren. Rondom een in onbruik geraakt detectiepoortje. Tegen de muren van een gang die galmt van het gehoest. Kortom, ze bevinden zich in alle hoeken en gaten.

    De Chinese ziekenhuizen waren in betere tijden ook al overvol, vanwege gebrekkige financiering en een tekort aan personeel. Maar nu corona zich voor het eerst vrij rondwaart in China, wordt het medische systeem tot het uiterste op de proef gesteld.

    De taferelen van wanhoop en ellende in het Tianjin Medical University General Hospital, vastgelegd op een van de video’s die The New York Times in handen kreeg, weerspiegelen de groeiende crisis. Terwijl de besmetting toeneemt, vechten gezondheidswerkers in de frontlinie ook tegen de welig tierende infecties binnen de eigen gelederen. In sommige ziekenhuizen zijn zoveel medewerkers positief getest op het virus, dat de overgeblevenen het werk van vijf collega’s of meer moeten doen.

    Om ervoor te zorgen dat er voldoende personeel aanwezig is, eisen sommige instellingen niet meer dat artsen en verpleegkundigen zich testen voordat ze aan het werk gaan. Een arts in de centraal gelegen stad Wuhan zegt dat het personeel in haar ziekenhuis zo is uitgedund dat een neurochirurg van haar afdeling onlangs twee operaties op één dag moest uitvoeren, vechtend tegen besmettingssymptomen.

    ‘Het ziekenhuis functioneert op het randje,’ zegt Judy Pu, de arts wier afdeling normaal tien tot vijftien verpleegsters telt en nu nog maar een. ‘Ongeveer 80 tot 90 procent van de mensen om mij heen is besmet.’

    Tragische strijd

    China ervoer als eerste de paniek over corona toen het virus in 2019 opdook in Wuhan. Vervolgens heeft het land het virus de afgelopen drie jaar grotendeels onderdrukt door een kostbare mengeling van grootschalige tests, strikte lockdowns en potdichte grenzen. De regering had die tijd kunnen gebruiken om de gezondheidszorg te versterken door bijvoorbeeld een voorraad medicijnen aan te leggen en meer eenheden voor kritieke zorg op te zetten. Zij had een grootscheepse vaccinatiecampagne kunnen organiseren, gericht op de miljoenen kwetsbare oudere volwassenen die aarzelden om een prik of booster te halen. Maar China deed er weinig aan en is opnieuw in een crisismodus beland, net zoals in de begindagen van Wuhan.

    De werkelijke omvang van China’s gezondheidscrisis is moeilijk in te schatten, niet in de laatste plaats omdat de regering het grootschalige testen heeft afgeschaft na de abrupte opheffing van het strenge zerocovidbeleid van het land. De ontoereikende vaccinaties en het gebrek aan groepsimmuniteit deden de vrees ontstaan dat het dodental kan oplopen tot het niveau dat eerder tijdens de pandemie werd waargenomen in de Verenigde Staten, West-Europa en, meer recentelijk, in Hongkong.

    Gegevens die de lokale autoriteiten de afgelopen dagen hebben vrijgegeven, lijken te bevestigen dat het virus om zich heen grijpt: in verschillende steden en provincies worden dagelijks honderdduizenden besmettingen gemeld. Er zijn ook veel vragen over het aantal covidgerelateerde sterfgevallen in China, omdat de autoriteiten alleen nog de sterfgevallen tellen die het gevolg zijn van ademhalingsproblemen die rechtstreeks verband houden met een covidinfectie. 

    Officieel zijn er sinds de versoepelde pandemieregels op 7 december zeven mensen aan het virus overleden, een aantal dat in tegenspraak is met het toenemend anekdotisch bewijs uit het hele land – van de hoeveelheid lijkwagens voor een crematorium in Beijing tot de overmaat aan gele lijkzakken bij sommige uitvaartcentra.

    Een ziekenhuis in Shanghai heeft voorspeld dat de helft van de 25 miljoen inwoners van die stad uiteindelijk besmet zal raken en waarschuwt het personeel voor een ‘tragische strijd’ in de komende weken, zo blijkt uit een inmiddels verwijderde verklaring die het ziekenhuis vorige week op het sociale-mediaplatform WeChat plaatste.

    Er heerst breed gedragen frustratie over het feit dat de regering geen tijd bood om zich voor te bereiden op de toestroom van patiënten

    ‘Heel Shangai zal in deze tragische strijd meegetrokken worden, en al het personeel van het ziekenhuis zal worden besmet! Onze families worden besmet! Onze patiënten raken allemaal besmet!’ aldus de verklaring. ‘Er is geen keus, we kunnen niet ontsnappen.’

    In sommige ziekenhuizen is de bezetting zo uitgedund dat gepensioneerde artsen wordt verzocht weer aan het werk te gaan. Naar verluidt worden artsen en verpleegkundigen uit de oostelijke provincies Shandong en Jiangsu gehaald om de medische voorzieningen in Beijing te versterken.

    Medisch studenten die als arts-assistent en stagiair in ziekenhuizen werken, protesteerden tegen de verslechterende werkomstandigheden. Ze eisen dat studenten in de wintervakantie naar huis mogen als zij dat willen, en vragen om gelijke beloning en betere bescherming tegen het virus voor hen die ervoor kiezen om te blijven werken. Deze studenten behoren tot de laagstbetaalde gezondheidswerkers, ondanks het feit dat zij geacht worden langere dagen te maken.

    De protesten vielen samen met de dood op 14 december van een 23-jarige student geneeskunde die had gewerkt in het West China Hospital van de Sichuan-universiteit in de zuidwestelijke stad Chengdu. Volgens het ziekenhuis kreeg de student een hartaanval, maar zijn klasgenoten betwisten dat en zeggen dat hij bezweek omdat hij overwerkt was terwijl hij besmet was met corona.

    Het personeelstekort wordt naar verwachting erger naarmate de winter vordert en miljoenen arbeidsmigranten naar huis reizen in aanloop naar de nieuwjaarsvakantie in januari. De gezondheidswerkers worden nu al achter de schermen geconfronteerd met chaos door veranderend beleid en fysieke en mentale uitputting. Er heerst breed gedragen frustratie over het feit dat de regering hen geen tijd bood om zich voor te bereiden op de toestroom van patiënten.

    ‘We zijn van tevoren helemaal niet ingelicht. Ik hoorde via het nieuws dat de regels waren versoepeld,’ aldus Pu.

    Volgens medisch personeel hadden de tekorten aan medicijnen – waardoor sommige instellingen nu genoodzaakt zijn geneesmiddelen te rantsoeneren – vermeden kunnen worden. Ook had er meer tijd genomen moeten worden om een effectiever triagesysteem op te zetten waarmee overbezetting had kunnen worden voorkomen. 

    Koortskliniek

    Een van de fundamentele problemen van het Chinese gezondheidssysteem is de afhankelijkheid voor zelfs de meest elementaire zorg van ziekenhuizen. Grote, stedelijke instellingen zoals het Tianjin Medical University General Hospital vertegenwoordigen slechts 0,3 procent van alle zorgverleners in China, maar zij behandelden vorig jaar bijna een kwart van alle bezoeken aan poliklinieken in het land, zo blijkt uit gegevens van de Nationale Gezondheidscommissie.

    ‘In de VS hebben mensen hun eigen huisarts, maar in China zijn er in het medische systeem weinig mogelijkheden om aan zorg te komen, behalve als je de Eerste Hulp in een groot ziekenhuis bezoekt,’ aldus Qiao Renli, longarts en arts voor kritieke zorg aan de Universiteit van Zuid-Californië, die zowel in China als in de Verenigde Staten doceerde en praktiseerde.

    Om het ziekenhuispersoneel te ontlasten, heeft de regering het aantal ‘koortsklinieken’ in het hele land uitgebreid. Dat kunnen aparte vleugels binnen ziekenhuizen zijn of zelfstandige klinieken waar patiënten met koorts worden behandeld, ongeacht of ze corona hebben. In de zuidelijke stad Shenzhen werden koortsklinieken opgezet in cabines die voorheen werden gebruikt om op corona te testen. Volgens de regering zijn in Beijing lege stadions en quarantainecentra tot soortgelijke faciliteiten omgebouwd, waardoor het aantal koortsklinieken de afgelopen weken tot boven de duizend is gestegen.

    De bouw van zoveel extra koortsklinieken laat de snelheid zien waarmee de regering probeert zich aan te passen aan het snel verspreidende virus – soms te snel, volgens sommige gezondheidswerkers.

    Adela Xu, verpleegster in een kankercentrum in Shanghai, vertelt dat personeel en bezoekers vóór de versoepelingen een negatieve test moesten laten zien om haar ziekenhuis binnen te mogen. Sinds ongeveer een week begon het ziekenhuis, op last van de regering, met de bouw van een koortskliniek om eventuele covidpatiënten te screenen. Maar tegen de tijd dat die kliniek geopend werd, was de faciliteit al verouderd omdat de stad het testen niet meer verplicht stelde voor toegang tot de spoedeisende hulp. Tegelijkertijd raakten steeds meer mensen besmet.

    ‘Vorige week werden ongeveer twintig van de zevenhonderd patiënten van de spoedeisende hulp positief getest, zegt Xu. ‘Nu zijn dat er ongeveer honderd van de zevenhonderd.’

    De stortvloed aan covidpatiënten is niet de enige uitdaging waarmee ziekenhuizen worden geconfronteerd. Een van de gevolgen van de uitbraak is een wijdverbreid tekort aan bloed doordat het aantal donoren slinkt.

    In de zuidwestelijke stad Kunming laat een bloedbank in een verklaring weten dat de stad momenteel slechts een fractie ontvangt van de vijfhonderd donoren die per dag nodig zijn om aan de vraag te kunnen voldoen – het tekort begint zwangere vrouwen en patiënten op de intensive care te treffen.

    ‘Als we hem niet eens zuurstof kunnen geven, hoe kunnen we hem dan redden?’

    In reactie op de tekorten heeft de Nationale Gezondheidscommissie deze maand haar regels voor bloeddonatie uit 2021 herzien. Daardoor mogen mensen die hersteld zijn van corona alweer na zeven dagen in plaats van na zes maanden bloed geven. Deze nieuwe richtlijn heft ook de beperkingen op die waren opgelegd aan potentiële donoren die in nauw contact stonden met covidpatiënten.

    Sommige ziekenhuizen in de provincie Hebei bij Beijing kampen naar verluidt met een nijpend tekort aan ventilatoren, zuurstoftanks en bedden op de intensive care. Op een door The Associated Press opgenomen video is te horen hoe een medisch medewerker van een ziekenhuis in Zhuozhou, een stad in het noorden van Hebei, een groep mensen aanspoort om een patiënt over te brengen naar een ander ziekenhuis dat beter is uitgerust, met de mededeling dat er geen zuurstof meer is.

    ‘Als we hem niet eens zuurstof kunnen geven, hoe kunnen we hem dan redden?’ zegt de medewerker. ‘Als u geen vertraging wilt, keer dan om en breng hem dan snel naar elders!’

  • EU adviseert coronamaatregelen voor reizigers uit China

    EU adviseert coronamaatregelen voor reizigers uit China

    » Zeker 35 doden bij zelfmoordaanslagen Somalië

    » Duizenden politieke gevangenen in Belarus in 2022

    De EU verplicht echter niemand om beperkingen in te voeren

    EU-lidstaten worden sterk aangemoedigd om coronamaatregelen tegen reizigers uit China te nemen. Dat schrijft persbureau AP. De landen worden echter nog niet verplicht reisbeperkingen op te leggen.

    In China woedt een zware uitbraak van het coronavirus. EU-landen als Italië, Frankrijk en Spanje hebben al op eigen houtje maatregelen genomen. Zo moeten reizigers uit China die aankomen in Italië een negatieve coronatest kunnen overleggen. Op Schiphol kregen reizigers uit China woensdag zelftests aangeboden, al was het niet verplicht deze tests daadwerkelijk te doen.

    Chinese autoriteiten lieten eerder weten tegen dergelijke beperkingen te zijn en dat tegenmaatregelen genomen kunnen worden als de hele EU bijvoorbeeld verplichte tests invoert. Volgens het land komen de coronavarianten in China al voor in Europa. Ook de luchtvaartindustrie is tegen verregaande beperkingen.

    In de EU bestaat vrees dat er in China nieuwe coronavarianten rondgaan. Er wordt niet uitgesloten dat het advies op een later moment verandert in een verplichting. Naast het advies om te testen voor vertrek, raadt het landenblok aan om weer mondkapjes in te voeren op vluchten en na aankomst streekproefsgewijs te testen.

    Lees ook:

  • De helft van de wereldbevolking heeft een clitoris. Waarom wordt die dan zo weinig bestudeerd?

    De helft van de wereldbevolking heeft een clitoris. Waarom wordt die dan zo weinig bestudeerd?

    De clitoris wordt ‘door vrijwel iedereen genegeerd’, aldus medische deskundigen. Die nalatigheid kan funest zijn voor de seksuele gezondheid van vrouwen.

    Gillian zat niet te wachten op een perforator in de buurt van haar geslachtsdelen. Dus toen een gynaecoloog in 2018 voorstelde om voor een kankercontrole een biopt van haar vulva te nemen, aarzelde ze. De arts had het vermoeden dat het witachtige huidvlekje dat Gillian naast haar clitoris had gevonden lichen sclerosus was, een huidaandoening die meestal goedaardig is. Gillian, die als verpleegster werkt, vond het wat extreem klinken om uit haar gevoeligste lichaamsdeel een stukje weg te laten halen.

    Uiteindelijk stemde ze toch toe, want hij was een dokter en zij slechts een verpleger. Ze ging ervan uit dat hij op het gebied van de clitoris een autoriteit was. ‘Ik had nooit in de gynaecologie gewerkt,’ zegt Gillian, die vanwege haar privacy alleen haar voornaam noemt. ‘Ik was behoorlijk onwetend.’

    Vóór de biopsie kreeg ze een ruggenprik om het gebied te verdoven. Haar benen werden in beugels geplaatst. Om het bloeden te stelpen, legde de dokter zijn ene hand over de andere heen en drukte vervolgens hard tegen haar vulva aan. (Dat zijn de uitwendige delen van de vrouwelijke genitaliën, waartoe de binnenste en buitenste schaamlippen, de opening naar de vagina en de clitoris behoren.) Zelfs door de verdoving heen kon ze de druk tegen haar schaambeen voelen. Ze gilde het uit.

    Een maand later, toen Gillian met haar vriend in bed lag, realiseerde ze zich dat ze geen orgasme meer kon krijgen. Ze werd nog wel opgewonden, maar de momenten waarop ze voorheen een hoogtepunt had bereikt ‘liepen nu op niets uit’, herinnert ze zich. ‘En zo gaat het nog steeds.’

    Ze vertelde het haar gynaecoloog. Die vermoedde dat ze door de littekens last had van gevoelloosheid, en dat dat met de tijd vanzelf weg zou gaan. Maar dat gebeurde niet. Gillian raakte steeds meer verontrust en zocht de ene na de andere specialist op in de hoop een verklaring of wellicht een oplossing te vinden. Toen kwam ze erachter dat niemand met haar over haar clitoris wilde praten.

    Gillian vertelt dat een uroloog haar verwonding vergeleek met de symptomen van iemand die door verkrachting trauma heeft opgelopen. Wat ze ervoer, zou een soort traumareactie op haar biopsie zijn. Iemand anders, een specialist op het gebied van het vrouwelijk lichaam, diagnosticeerde haar probleem als een zogenaamde ‘perimenopauze’ [een periode in de overgang waarin de vruchtbaarheid van de vrouw verdwijnt] en schreef haar testosteroncrème voor. Een andere gynaecoloog raadde aan een ‘O-shot’ te nemen ofwel een vaginale verjongingsprocedure.

    Telkens als ze probeerde het gesprek terug te brengen op haar clitoris, kreeg ze nietszeggende blikken terug. ‘Ze keken me aan alsof ik gek was,’ vertelt Gillian. ‘Ik bleef maar zeggen dat er iets mis was met mijn clitoris, en het leek wel alsof ze er alles aan deden om het maar niet over dat deel van mijn lichaam te hoeven hebben.’

    ‘Hooguit een bijzaak’

    Sommige urologen vergelijken de vulva met ‘een klein stadje in het Amerikaanse Midwesten’, zegt dr. Irwin Goldstein, uroloog en pionier op het gebied van de seksuele geneeskunde. Artsen laten de vulva compleet links liggen en besteden er nauwelijks aandacht aan op hun weg naar de bestemming: de baarmoederhals en baarmoeder. Daar gebeurt het echte medische werk: daar worden de echo’s gemaakt, uitstrijkjes genomen, spiraaltjes ingebracht en kinderen gebaard.

    Als de vulva in haar geheel een ondergewaardeerde stad is, dan is de clitoris een bar langs de doorgaande weg; maar weinig mensen besteden er gedachten aan en nog minder mensen kennen haar echt goed. De meesten gaan het liefst met een grote boog om de clitoris heen. ‘Het orgaan wordt door vrijwel iedereen compleet genegeerd,’ zegt Rachel Rubin, uroloog en specialist in seksuele gezondheid, in de buurt van Washington, D.C. ‘Er is in de medische wereld niet echt een groep die zich heeft toegelegd op het onderzoeken, behandelen en diagnosticeren van vulva-gerelateerde aandoeningen.’

    Als antwoord op de vraag wat ze tijdens haar studie geneeskunde over de clitoris heeft geleerd, stelt Rubin: ‘Ik kan me niet echt iets herinneren. Als mijn professoren er al iets over hebben gezegd, was het hooguit in een bijzin.’

    Pas jaren later leerde Rubin hoe ze de vulva en het zichtbare deel van de clitoris, ook wel de glans clitoridis genoemd, moest onderzoeken. Ze liep destijds bij dr. Goldstein stage op het gebied van seksuele geneeskunde en ontdekte dat de volledige clitoris een diepe structuur is die grotendeels uit erectiel weefsel bestaat, tot in het bekken reikt en om de vagina heen ligt.

    Vandaag de dag omschrijft Rubin zichzelf als de meest vooraanstaande ‘clitoroloog’ van Washington. De grap is natuurlijk dat maar weinig andere medici aanspraak willen maken op die titel – ofwel uit schaamte, ofwel uit een gebrek aan kennis, ofwel uit angst dat de term patiënten in verlegenheid brengt. ‘Artsen richten zich graag op wat we al weten,’ zegt ze. ‘We laten onze zwakke kanten niet graag zien en geven een gebrek aan kennis niet graag toe.’

    Schaamlipverkleining is een van de snelst groeiende cosmetische ingrepen ter wereld en kan ook tot zenuwschade leiden

    Dat vragen over de clitoris bijna universeel vermeden worden, heeft gevolgen voor patiënten. In een wetenschappelijk artikel dat in 2018 in het tijdschrift Sexual Medicine verscheen, toonden Rubin en Goldstein met andere collega’s aan dat het gebrek aan onderzoek naar de vulva en clitoris ertoe leidt dat artsen seksuele gezondheidsaandoeningen regelmatig over het hoofd zien. Onder de vrouwelijke patiënten in de kliniek van Goldstein had bijna een op de vier bijvoorbeeld last van clitorisverklevingen. Die ontstaan wanneer het kapje van de clitoris aan de eikel kleeft en ze kunnen leiden tot irritatie, pijn en een afname in seksueel genot.

    De auteurs concludeerden dat alle zorgverleners routinematig de clitoris van hun patiënten zouden moeten onderzoeken. Maar, gaven ze daarbij al aan, dat is makkelijker gezegd dan gedaan: de meeste zorgverleners ‘weten niet hoe ze de clitoris moeten onderzoeken en voelen zich er ook niet bij op hun gemak’.

    Deze nalatigheid brengt niet alleen schade toe aan vrouwen, maar ook aan trans mannen en andere mensen met een vulva. Het komt vaker voor dat de clitoris letsel oploopt bij procedures zoals een bekkengaasoperatie, een episiotomie tijdens de bevalling [het inknippen van het perineum; de bilnaad tussen vulva en anus] of zelfs een heupoperatie. Schaamlipverkleining is een van de snelst groeiende cosmetische ingrepen ter wereld en kan, indien slecht uitgevoerd, ook tot zenuwschade leiden. Het gevolg daarvan is pijn in de genitaliën en verlies van seksueel gevoel.

    Veel van deze verwondingen kunnen volgens dr. Rubin worden voorkomen als artsen meer tijd zouden besteden aan de bestudering van de clitoris. Dat bepleitte ze in januari in een lezing over vrouwelijke seksuele gezondheid, tegenover een zaal met voornamelijk mannelijke artsen tijdens de jaarlijkse conventie van militaire urologen in Palm Springs, Californië. Ze was praktisch, geanimeerd en onverstoorbaar, en haar lezing werd uitgeroepen tot de beste van de conferentie.

    Rubin benadrukt dat de anatomie in kwestie geen magie is, maar doodgewone biologie. ‘De clitoris is niet een vreemdsoortig, haast mythisch gebied waarmee je alleen maar orgasmes kan krijgen,’ verklaart ze begin juli in haar kantoor in Rockville, Maryland. Omringd door penisprotheses, bekkenmodellen en een grote Hitachi-vibrator vervolgt ze: ‘Het is belangrijk dat je weet wat wat is en waar verschijnselen vandaan komen.’

    Jarenlange verwaarlozing

    Waarom kunnen we juist die vragen dan niet beantwoorden? Volgens Rubin is de verklaring eenvoudig: de clitoris is nauw verbonden met het vrouwelijk genot en orgasme. Tot voor kort hadden deze onderwerpen binnen de geneeskunde geen prioriteit en werden ze niet beschouwd als geschikt voor medisch onderzoek.

    Zelfs op het gebied van bijvoorbeeld de urologie, waarvan het seksueel genot en het orgasme van mannen een integraal onderdeel zijn, wordt de seksuele gezondheid van vrouwen nog altijd ‘gezien als hysterie, als de doos van Pandora, als puur en alleen psychosociaal en niet als echte geneeskunde’, aldus Rubin, die tevens educatief voorzitter van de International Society for the Study of Women’s Sexual Health is. ‘De seksuele gezondheid en levenskwaliteit van vrouwen krijgen weinig tot geen aandacht.’ (Viagra daarentegen is al tientallen jaren een van de meest winstgevende farmaceutische geneesmiddelen – zo heeft Pfizer er sinds het in 1998 op de markt kwam tientallen miljarden dollars aan verdiend.)

    Gynaecologie is bovenal gericht op vruchtbaarheid en ziektepreventie. ‘We kunnen niet goed praten over het genotsaspect van seks’, aldus dr. Frances Grimstad, gynaecoloog in het Boston Children’s Hospital. ‘Het gaat altijd over preventie, over het voorkomen van seksueel overdraagbare aandoeningen en zwangerschappen – tenzij je natuurlijk juist zwanger wilt worden. Maar over seksueel plezier hebben we het in ieder geval niet.’

    Dr. Helen O’Connell, de eerste vrouwelijke uroloog van Australië, weet nog goed dat de clitoris tijdens haar eigen medische opleiding nauwelijks aan bod kwam. Een van haar handboeken was een editie van Last’s Anatomy uit 1985, waarin geen dwarsdoorsnede van het vrouwelijke bekkengebied was opgenomen. Bepaalde delen van de vrouwelijke genitaliën stonden beschreven als ‘slecht ontwikkeld’, als een ‘mislukte vorm’ van het mannelijke geslacht. Aan de beschrijving van de penis daarentegen waren vele pagina’s gewijd. Volgens haar verklaart deze wijdverbreide medische veronachtzaming waarom urologen zich altijd al inspanden om de zenuwen in de penis te behouden bij prostaatoperaties, maar zich daar bij bekkenoperaties bij vrouwen niet mee bezig hielden.

    O’Connell besloot de volledige anatomie van de clitoris in kaart te brengen met behulp van microdissectie en MRI’s. In 2005 publiceerde ze een uitgebreid onderzoek waaruit bleek dat het buitenste deel van de clitoris – het gedeelte dat zicht- en tastbaar is – slechts het topje van de ijsberg is en vergelijkbaar is met de eikel van de penis. Het volledige orgaan strekt zich ver onder het oppervlak uit en bestaat uit twee druppelvormige bollen, twee armen en een schacht.

    Het volledige orgaan strekt zich ver onder het oppervlak uit en bestaat uit twee druppelvormige bollen, twee armen en een schacht

    O’Connell waarschuwde ervoor dat chirurgen die geen rekening houden met die anatomie, gevoelige zenuwen kunnen beschadigen die voor genot en orgasme zorgen en langs de top van de schacht lopen. Bij procedures zoals bekkengaasoperaties en urethrale operaties ‘kan het zijn dat delen van de clitoris in het gedrang komen’, aldus dr. O’Connell. ‘Je moet altijd rekening houden met wat eronder zit en wat je dus mogelijk aantast.’

    Steeds meer vrouwen spreken zich uit over vergelijkbare verwondingen die ze bij standaardprocedures opliepen. Zo ook Julie, een vierenveertigjarige kantoormanager in Essex, die in 2012 haar vermogen om een orgasme te krijgen kwijtraakte door een eenvoudige heupoperatie tegen rugpijn. Ze deelde haar verhaal vorig jaar publiekelijk in The Telegraph, waarbij ze alleen haar voornaam vermeldde om eventuele discriminatie door toekomstige werkgevers te voorkomen.

    Tijdens een Zoomgesprek in januari beschrijft Julie de hevig brandende pijn die ze rond haar clitoris voelde toen ze uit haar narcose ontwaakte. Haar chirurg zei dat het gewoon wat blauwe plekken waren die vanzelf zouden verdwijnen. Een paar maanden later merkte ze echter dat ze geen orgasme meer kon krijgen. Als ze het probeerde, ‘voelde het letterlijk alsof iemand de stekker uit het stopcontact had getrokken’, zei ze. ‘Alles was doodgeslagen.’

    Pas na twee jaar zoeken op het internet ontdekte ze dat een cilindervormige stang die tijdens de operatie tussen haar benen was geplaatst waarschijnlijk haar clitorale zenuwen had platgedrukt. Het gebruik van het apparaat, een zogenaamde perineale paal, kan zenuwschade veroorzaken, iets wat op haar toestemmingsformulier niet vermeld stond.

    Julie vergelijkt haar letsel met het verlies van smaak en reuk, waarvan het genot voor lief wordt genomen, maar waarvan het verlies alles verandert. ‘Het is nu tien jaar geleden en ik kan het nog steeds niet geloven,’ vertelt ze tijdens het Zoomgesprek. ‘Ik heb er ook nog geen vrede mee.’

    Gillian probeert er nog steeds achter te komen wat de oorzaak van haar verwonding is geweest. Was het de biopsie? Of de druk die haar gynaecoloog daarna zette? Vier jaar en twaalf specialisten later heeft ze zich erbij neergelegd dat ze het gevoel misschien nooit meer zal terugkrijgen. ‘Het heeft mijn hele leven veranderd,’ zegt ze. ‘De schade die dit veroorzaakt, kun je nooit meer herstellen. Nooit.’

    De clitoris in kaart brengen

    Toen dr. Blair Peters, een drieëndertigjarige plastisch chirurg aan de Oregon Health & Science University, voor het eerst phalloplastieken [een operatie waarbij een penis wordt gemaakt met weefsel van elders uit uw lichaam] begon uit te voeren voor trans mannen en non-binaire mensen, verbaasde hij zich over de zenuwen van de clitoris. Met een diameter van gemiddeld drie millimeter waren ze groter dan hij had verwacht. (Ter vergelijking, de gevoelszenuw van de wijsvinger is ongeveer een millimeter breed.)

    ‘Toen ik geneeskunde studeerde, heb ik niets concreets over de clitoris geleerd, afgezien van het feit dat die bestaat,’ vertelt Peters. Hij zegt dat hij er daardoor ‘onbewust van uitging dat de clitoris niet een superduidelijke structuur zou hebben. Maar die heeft dat wel.’

    Peters behoort tot een handjevol jonge, socialemedia-bewuste artsen die net als Rubin de clitoris in kaart brengen en er zo voor zorgen dat wat Julie en Gillian is overkomen zich niet herhaalt. Om de seksuele sensatie van phalloplastiekpatiënten te kunnen verbeteren, heeft Peters onlangs de clitorale zenuwen met een microscoop bestudeerd en geteld hoeveel zenuwvezels ze bevatten. Het aantal dat hij vond staat onder embargo totdat hij zijn bevindingen later deze maand op een conferentie presenteert. Wat hij wel al kwijt kan, is dat het ‘aanzienlijk meer’ is dan achtduizend, een aantal dat vaak wordt genoemd en stamt uit een verouderd onderzoek op dit gebied naar koeien.

    Ze hoopte dat andere mensen in het vakgebied vervolgonderzoek zouden doen naar haar bevindingen, die in een tijdschrift voor plastische chirurgie werden gepubliceerd. ‘Ik ben nog maar een vierdejaars student geneeskunde, ik denk niet dat ik de aangewezen persoon ben om dit project uit te voeren,’ zei ze eind 2021. ‘Maar er is niemand anders die het doet.’

    In 2020 had Victoria Gordon, student geneeskunde aan de Kansas City University of Medicine and Biosciences, de leiding over een onderzoek dat een ‘gevarenzone’ rond de clitoris moest vaststellen die plastisch chirurgen zouden moeten vermijden. Bij het ontleden van kadavers viel haar op dat clitorale zenuwen zich soms als wortels vertakken in fijne ranken. Die vertakkingen konden relevant zijn voor chirurgen, maar waren nog niet eerder in medische publicaties beschreven.

    Artsen zijn niet de enigen die willen dat er aandacht komt voor de volledige anatomie van de clitoris. In 2018, toen Gillian online naar een verklaring voor haar verwonding zocht, stuitte ze op een Medium-artikel van een vrouw in Dallas wier situatie akelig veel op de hare leek. Jessica Pin, nu zesendertig, was het grootste deel van haar clitorale gevoel kwijtgeraakt nadat ze op achttienjarige leeftijd labiaplastiek [schaamlipcorrectie] had ondergaan.

    Ze spitte de belangrijkste verloskundig-gynaecologische handboeken door en ontdekte dat de zenuwen van de clitoris zelden of nooit goed werden weergegeven. Volgens haar brengt deze belangrijke vergissing bij een aantal procedures de clitoris in gevaar. ‘De nalatigheid lijkt te wijten aan sociaal-cultureel ongemak rondom de clitoris en een diepgeworteld gebrek aan respect voor de vrouwelijke seksuele respons’, schreef ze op Medium.

    Gillian was geïntrigeerd. ‘Pin was de enige op het internet die er iets over zei,’ vertelt ze. Dus stuurde ze haar een Facebookbericht. Pin zette uiteindelijk een sociale-mediacampagne op. Het doel was om ervoor te zorgen dat de anatomie van de clitoris in gynaecologische handboeken en opleidingen zou worden opgenomen. Gillian hielp eerst op de achtergrond om Pin meer volgers te bezorgen en sloot zich vervolgens bij Pin aan op Instagram, met als gebruikersnaam @nursevulvaadvocate. Op het account kreeg ze honderden vragen van over de hele wereld van mensen die hun genitale gevoel hadden verloren door medische ingrepen aan of in de buurt van de clitoris.

    Gillian vertelt dat ze op iedereen probeerde te reageren maar ze kon niet het medische advies geven waar velen naar op zoek waren. Na zes maanden hief ze haar account op. Tegenwoordig spant ze zich op lokaal niveau in voor hun zaak: zo rijdt ze vaak naar dokterspraktijken om posters van de anatomie van de clitoris af te geven. In haar werk met oudere patiënten besteedt ze veel aandacht aan eventuele genitale problemen, van vulvaire jeuk tot pijn na een kankeroperatie.

    Pin zette door. In de afgelopen jaren zorgde ze er door lobbyen voor dat verschillende handboeken en anatomische hulpbronnen hun afbeeldingen van de clitoris en zenuwen hebben bijgewerkt. Met haar inspanningen haalde ze de voorpagina van Reddit, verwierf ze meer dan 160.000 volgers op TikTok en was ze te gast in The Daily Show with Trevor Noah. In 2019 publiceerde ze samen met haar vader, die plastisch chirurg is, een onderzoek over clitorale zenuwen.

    Maar haar strategie is niet onomstreden. Ze is verwikkeld in tal van socialemediageschillen en werd beschuldigd van intimidatie omwille van haar aanhoudende en soms ongepaste pogingen om gynaecologen en auteurs van anatomische handboeken te bereiken.

    Nu, na zich vijf jaar lang te hebben ingespannen, wil ze ‘klaar zijn’, zo zegt ze. ‘Het zou geweldig zijn als artsen de kwestie oppakken en erover gaan praten.’ Het feit dat een aantal medische professionals, waaronder dr. Rubin, dat hebben gedaan is ‘echt een grote stap’, voegt ze eraan toe.

    De vulva eer aandoen

    Elke patiënt die bij Rubin binnenkomt, krijgt, ongeacht haar leeftijd, een rondgang langs haar eigen vulva. Voor het bekkenonderzoek legt ze niet meer een laken over de benen van de patiënt heen – volgens Rubin draagt die gewoonte eraan bij dat de ‘privédelen’ van vrouwen als schaamtevol worden gezien en verborgen blijven. In plaats daarvan begint Rubin de sessie door aan haar patiënten een spiegel te overhandigen. Die heeft een lang handvat, zodat ze mee kunnen kijken naar hun eigen anatomie.

    Met een wattenstaafje tast Rubin elk deel van de vulva af. Ze controleert op pijn en wijst de kleine schaamlippen, de grote schaamlippen en de vaginale opening aan terwijl haar patiënt meekijkt. Daarna controleert ze de clitoris op verklevingen of andere huidaandoeningen. Het hele onderzoek duurt meestal minder dan vijf minuten. ‘U bepaalt het tempo,’ vertelde ze onlangs aan een tweeënzestigjarige patiënt die pijn had gekregen na het vrijen. ‘U bent de baas van deze show.’

    Rubin en haar collega’s geloven dat hun vakgebied bij uitstek geschikt is om de status van de clitoris en het vrouwelijke genot te bevorderen. Volgens dr. Barbara Chubak, uroloog aan de Icahn School of Medicine van het Mount Sinai-ziekenhuis in New York, zijn urologen echter ‘alleen maar bezig met de fallus’. Al is de clitoris technisch gezien ook een soort fallus: ze is opgebouwd uit dezelfde embryologische structuren en bestaat uit dezelfde erectiele weefsels als de penis.

    ‘Per definitie zou de anatomie van de clitoris dus ook een urologische aangelegenheid kunnen en moeten zijn,’ aldus Rubin [urologie omvat alle problemen aan de urinewegen en de mannelijke geslachtsorganen].

    Daarbij komt nog dat urologen er helemaal geen moeite mee hebben te oreren over dingen waarvoor zorgverleners te preuts zijn. ‘Urologie gaat over plassen en over seks,’ zegt Chubak. ‘Urologen praten graag over dingen die andere mensen te gênant vinden om te bespreken. Clitorale geneeskunde behoort de urologen toe.’

    Toch is er volgens Rubin meer nodig dan gepassioneerde ‘penisartsen’ om de vulva de aandacht te geven die ze verdient. Er moet een gezamenlijke beweging op gang komen, die de traditionele specialismen van de geneeskunde overstijgt, zodat de anatomie kan worden begrepen en in kaart gebracht. En om dat mogelijk te maken moeten andere vakgebieden erkennen dat vrouwelijk seksueel genot essentieel is en behouden moet worden.

    ‘Ik geloof echt dat we wat de vrouwelijke anatomie betreft decennia achterlopen,’ zegt Rubin. ‘Maar we moeten ons blijven inzetten. En daarvoor is het noodzakelijk dat mensen het onderwerp belangrijk genoeg vinden om zich ervoor in te zetten.’

  • India onderzoekt doden door hoestsiroop

    India onderzoekt doden door hoestsiroop

    » Onrust in Bolivia na arrestatie oppositieleider

    » Lula benoemt laatste ministers en voltooit kabinet

    18 Oezbeekse kinderen mogelijk overleden aan hoestdrank

    Autoriteiten in India zijn een onderzoek gestart naar het grote farmaceutisch bedrijf Marion Biotech. Volgens Hindustan Times zou er een verband zijn tussen hoestdrank van Marion Biotech en de dood van zeker achttien kinderen in Oezbekistan. Het is niet voor het eerst dat de hoestdrank van een Indiaas bedrijf in verband wordt gebracht met de dood van meerdere kinderen.

    Volgens experts uit Oezbekistan zitten er giftige stoffen in de drank, waaronder ethyleenglycol, een chemische stof die wordt gebruikt bij de productie van antivries. Het bedrijf heeft de productie van de hoestsiroop in afwachting van het onderzoek stopgezet. Daarnaast zijn er zeker zeven werknemers van het bedrijf ontslagen.

    Twee maanden geleden waarschuwde de Wereldgezondheidsorganisatie al voor een andere Indiase hoestdrank, gemaakt door fabrikant Maiden Pharmaceuticals. Ook in hun siroop zou ethyleenglycol hebben gezeten, wat zou hebben gezorgd voor de dood van 66 kinderen in Gambia. De meeste slachtoffers waren onder de vier jaar oud. Het onderzoek naar deze zaak loopt nog.

    Lees ook:

  • Meerdere landen eisen coronatest voor reizigers uit China

    Meerdere landen eisen coronatest voor reizigers uit China

    » Tientallen doden door noodweer op Filipijnen

    » Geweld tussen etnische groepen in Zuid-Soedan laait op

    In China is sprake van een enorme golf van coronabesmettingen

    Meerdere landen zijn weer begonnen met het invoeren van verplichte coronatests voor reizigers die vanuit China komen. Onder meer de Verenigde Staten, India, Japan en Italië hebben de coronamaatregelen ingevoerd, schrijft The Washington Post. In China sprake van een overweldigende golf coronabesmettingen nadat een zeer streng anticoronabeleid werd losgelaten.

    Naast een algemene verspreiding van het coronavirus vrezen veel landen voor nieuwe varianten van het coronavirus die mogelijk in omloop zijn. Italië, de VS en Japan gaan specifiek kijken naar deze nieuwe varianten. Japan heeft daarnaast quarantaineverplichtingen afgekondigd voor mensen die met een coronabesmetting uit China komen.

    Na een maandenlang zeer restrictief coronabeleid, liet de Chinese regering afgelopen maand meerdere maatregelen in een keer varen na zeldzaam protest van burgers. De aantallen coronabesmettingen en coronagerelateerde doden liepen vervolgens rap op. Experts waarschuwden al dat als de regering niet ingrijpt er een miljoen Chinese coronadoden kunnen vallen.

    Lees ook:

  • Opheffing coronamaatregelen China kan tot ramp leiden

    Opheffing coronamaatregelen China kan tot ramp leiden

    » Duitse vrouw van 97 veroordeeld voor rol in WOII

    » Taliban sluit universiteiten voor vrouwen

    Volgens rekenmodellen kunnen een miljoen Chinezen overlijden

    In China is de manier waarop doden worden geteld en geregistreerd aangepast. Nadat het zeer strenge anti-coronabeleid van de regering deels werd losgelaten, is het aantal besmettingen en doden explosief opgelopen. Daardoor registreert de Chinese regering alleen nog mensen die overleden aan ademhalingsziekten en zijn er volgens deze officiële cijfers slechts zeven doden gevallen tot nu toe deze week.

    Het wetenschappelijke tijdschrift Nature meldt, op basis van rekenmodellen, dat het opheffen van de coronamaatregelen in China desastreuze gevolgen kan hebben. Volgens de berekeningen kunnen er de komende maanden tot een miljoen mensen sterven aan het coronavirus in China. Experts raden een vierde vaccinatie aan, in combinatie met het gebruik van gezichtsmaskers en sociale beperkingen.

    China kende lange tijd een van de strengste anticoronawetgevingen ter wereld. Na toenemende kritiek van burgers, die zelfs de straat opgingen om te protesteren, werd besloten veel beperkingen op te heffen. Lockdowns werden beëindigd, reisverboden werden opgeheven, en mensen met lichte symptomen mochten weer aan het werk. Ook is testen niet langer verplicht.

    Lees ook:

  • Koude kermis: hoe warm te blijven tijdens een energiecrisis

    Koude kermis: hoe warm te blijven tijdens een energiecrisis

    Bij veel mensen valt de energierekening koud op het dak. Ze denken twee keer na voordat ze de verwarming hoger zetten. Hoe past ons lichaam zich aan de kou aan? En een muts dragen, helpt dat nou echt?

    Net als andere zoogdieren en vogels zijn wij, mensen, warmbloedig. Door middel van thermoregulatie houden we constant onze lichaamstemperatuur op peil, gemiddeld tussen de 37 en 37,5 graden Celsius. Wanneer de externe omgeving verandert, ‘wordt een reeks fysiologische reacties in gang gezet. Zo wordt de temperatuur van ons weefsel – huid, bloed en spieren – verlaagd,’ aldus dr. Joseph Costello, die als fitness- en omgevingsfysioloog aan de Universiteit van Portsmouth werkt in laboratoria voor extreme klimaatomstandigheden. ‘Als de blootstelling van het lichaam langere tijd duurt, kan de zogenaamde diepe temperatuur ook veranderen.’

    Thermoregulatie wordt aangestuurd door de hypothalamus. Dat is een structuur diep in de hersenen die het interne evenwicht (‘homeostase’) in stand houdt door processen als de hartslag en lichaamstemperatuur te reguleren. Als de hypothalamus merkt dat het lichaam koud wordt, stuurt hij signalen naar de huid, klieren, spieren en organen, waardoor reacties op gang komen die het lichaam warm houden en de vitale organen beschermen.

    Wanneer het lichaam afkoelt, heeft bescherming van de interne organen de hoogste prioriteit. Als de omgevingstemperatuur daalt tot vijftien graden, worden de bloedvaten die dicht onder de huid gelegen zijn nauwer. De bloedstroom wordt omgeleid van de uiterste lichaamsdelen – denk aan de handen, voeten, armen, benen en de buitenste huidlaag – naar de kern, om de organen warm en beschermd te houden. Vandaar dat de huid kou als eerste signaleert. Sommige mensen voelen kou sterker dan anderen, met name vrouwen, bejaarden en jonge kinderen. Vrouwen hebben namelijk meer lichaamsvet dan mannen; een dikke laag onderhuids vet isoleert de inwendige organen, maar blokkeert tegelijkertijd de toevoer van warm bloed naar de huid en de uiterste ledematen. Vrouwen hebben doorgaans ook minder spieren, die door rillen warmte kunnen opwekken. Minder spiermassa zorgt er daarnaast voor dat het vermogen van de basale stofwisseling afneemt: het vermogen om voedsel om te zetten in energie.

    Als de huid net zo koud wordt als de omgevingstemperatuur, kan het gebrek aan bloed in de huid leiden tot een blauwachtige tint

    Die stofwisseling verslechtert met de jaren, waardoor het ouderen ook meer moeite kost om bloed te pompen naar de plekken die daarom vragen. Bij baby’s zijn de stofwisselingsmechanismen simpelweg nog niet genoeg ontwikkeld om goed op kou te reageren, aldus neonatoloog dr. Chris Dewhurst van de Liverpool Women’s NHS Foundation Trust. ‘Baby’s kunnen bijvoorbeeld niet rillen,’ zegt hij. ‘Bovendien is hun lichaamsmassa in verhouding tot hun oppervlakte erg groot, wat betekent dat ze het eerder koud krijgen.’ Baby’s beschikken echter wel over bruin vet – hetzelfde soort vet dat dieren in winterslaap hebben. ‘Bruin vet genereert warmte door calorieën te verbruiken,’ legt Dewhurst uit. ‘Het gaat dan om calorieën die normaal gebruikt zouden worden om spieren en hersenweefsel te kweken.’

    Wel kunnen wanneer die calorieën inderdaad worden gebruikt om het lichaam warm te houden, de groei en hersenontwikkeling worden aangetast, waarschuwt hij. Wanneer de lichaamstemperatuur daalt, stijgt de bloeddruk, doordat er meer bloed dan normaal door een kleinere ruimte wordt gepompt. In een poging de hoeveelheid vloeistof te verlagen en de bloeddruk naar beneden te brengen, reageren de nieren door overtollig vocht uit het bloed te filteren. Het resultaat kan zijn dat je als het kouder is vaker moet plassen. Dit proces wordt koude diurese genoemd. Als de huid net zo koud wordt als de omgevingstemperatuur, kan het gebrek aan bloed in de huid leiden tot een blauwachtige tint. Als het lichaam lange tijd aan kou wordt blootgesteld, kan deze verdedigingsstrategie ervoor zorgen dat de bloedstroom in sommige delen van het lichaam gevaarlijk laag komt te liggen.

    Onderkoeling

    Zo bezien heeft het lichaam er in feite voor gekozen om de meer vervangbare delen – denk aan vingers, tenen, oren, neus en wangen – op het spel te zetten om de kerntemperatuur te behouden. Als de huidtemperatuur daalt tot min twee, begint het lichaamsweefsel te bevriezen. De huid ziet er dan wasachtig uit, hij tintelt of prikt en voelt gevoelloos aan. Vervolgens bevriezen de diepere weefsels. Dat heet met een medische term ‘congelatio’. De huid kan dan blauw, grijs of zwart worden. Bij min vier kunnen zich ijskristallen in het bloed vormen. In het geval van ernstige bevriezing kan de huid zo hard als hout aanvoelen. Als het zover is, kunnen ook spieren en botten bevriezen.

    Wanneer het vernauwen van de bloedvaten niet langer volstaat voor het behouden van de kerntemperatuur, gaat het lichaam rillen om de warmteproductie op te voeren. De skeletspieren trekken samen om warmte te genereren, wat het eerste symptoom van onderkoeling is. Onderkoeling tast alle systemen van het lichaam aan: de stofwisseling, het mentale bewustzijn, de zenuwgeleiding en neuromusculaire reactietijden, alsook het cardiovasculaire systeem [dat hart en vaten betreft] en het ademhalingssysteem. Naarmate de lichaamstemperatuur daalt, wordt het moeilijker om duidelijk te praten, verslechtert de coördinatie en treedt er geheugenverlies op. Als de lichaamstemperatuur daalt tot 32 graden, stopt het lichaam met rillen. Komt de kerntemperatuur onder de 30 graden, dan gaat het hart onregelmatig kloppen en hapert de nierfunctie. Vloeistof hoopt zich op in het weefsel en in de luchtruimten van de longen. Bij 29 graden kan er bewusteloosheid optreden. En bij 26 graden de dood.

    Koudeletsel

    Wat nou als je het maar middelmatig koud hebt, maar voor een lange periode – bijvoorbeeld omdat je je huis niet kunt verwarmen? ‘Bij langdurige blootstelling aan minder strenge kou kunnen mensen alsnog lijden aan koudegerelateerde kwalen,’ zegt Costello’s collega en tevens omgevingsfysioloog Clare Eglin. ‘Symptomen van koudeletsel zonder dat er sprake is van bevriezing zijn bijvoorbeeld veranderde zintuiglijke functies, koudegevoeligheid en pijn als gevolg van schade aan de bloedvaten en zenuwen in de handen of voeten. Als die schade ernstig is, kunnen de symptomen vele maanden aanhouden.’

    Ook het langdurig inademen van koude lucht kan de luchtwegen en longen irriteren, zelfs bij gezonde mensen. Bovendien kunnen bestaande ademhalingsproblemen verergeren, zoals astma, bronchitis of chronische obstructieve longziekte. Bij het inademen zorgen de neus en de mond er meestal voor dat de lucht wordt opgewarmd en bevochtigd voordat deze de longen bereikt. Bij het inademen van koude lucht reageren de bovenste luchtwegen door zich te vernauwen, waardoor het moeilijker wordt om te ademen. Bovendien bevat koude lucht minder vocht dan warme lucht, wat betekent dat de luchtwegen door het inademen kunnen uitdrogen. 

    ‘Ademhalingsinfecties gedijen goed bij koudere temperaturen,’ aldus Erika Radford, hoofd gezondheidsadvies bij Asthma + Lung UK. ‘De winter is sowieso al een risicovolle tijd voor mensen met longaandoeningen. Het laatste wat we willen, is dat er vanwege blootstelling aan kou nog meer naar lucht happende mensen naar het ziekenhuis worden gebracht.’

    Er zijn een paar strategieën die wetenschappelijk aantoonbaar helpen tegen de kou. Maar er bestaan ook heel wat fabeltjes, die je maar beter kunt vergeten.

    • Draag een muts: wetenschappers hebben ontdekt dat we meer warmte verliezen via ons lichaam dan via ons hoofd. Toch is het de moeite waard een muts te dragen: als je lichaam warm is maar je hoofd koud, gaat je lichaam niet over op rillen, waardoor je kerntemperatuur snel afneemt.
    • Draag laagjes: als je veel dunne laagjes aan hebt, sluit je lucht in. Zo boots je als het ware het horripilatie-effect na – beter bekend als kippenvel. Veel dieren maken daar ook handig gebruik van: kleine spiertjes, die arrector pili worden genoemd en zich aan de basis van elk haarzakje bevinden, trekken samen, waardoor haren overeind gaan staan en lucht wordt vastgehouden.
    • Blijf actief: lichamelijke inspanning zorgt ervoor dat spieren samentrekken, waardoor meer voedingsstoffen worden afgebroken. Dat genereert warmte. Alleen al het op- en afstappen van een traptrede kan 200 watt aan extra warmte produceren, waardoor de lichaamstemperatuur snel toeneemt. Maar ga hierin niet te ver – als je oververhit raakt en begint te zweten, kunt je snel warmte kwijtraken op het moment dat je zweet verdampt.
    • Drink geen alcohol: alcohol stuurt bloed naar de huidoppervlakte, waardoor het wordt afgevoerd van de lichaamskern. De diepe lichaamstemperatuur daalt, waardoor de kans op onderkoeling toeneemt. Alcohol blijkt er bovendien voor te zorgen dat we kou minder goed waarnemen en minder snel en effectief automatisch gaan rillen.

    Brandstofgebrek

    Volgens deskundigen van het University College London (UCL) zullen deze winter duizenden mensen sterven en miljoenen kinderen lijden door brandstofgebrek van een ‘epidemische omvang’. ‘We bevinden ons op onbekend terrein,’ aldus dr. Tammy Boyce, hoofdonderzoeker aan de UCL en medeauteur van The Marmot Review [van het instituut van gezondheidsgelijkheid]. ‘Huizen die voorheen niet koud waren, zullen dat nu voor het eerst wel zijn. Mensen die nooit brandstof tekortkwamen, zullen nu lijden onder het gebrek.’ 

    Gehandicapten, bejaarden en kinderen zullen het hardst worden getroffen, voegt ze eraan toe. Ze benadrukt dat de kou werkelijk invloed heeft op alles, van schoolresultaten en geestelijke gezondheid tot lichamelijk welzijn. Boyce: ‘Het enige goede wat hieruit kan voortkomen, is dat mensen zich realiseren wat voor een invloed huisvesting heeft op de gezondheid.’

    <iframe width=”100%” height=”166″ scrolling=”no” frameborder=”no” allow=”autoplay” src=”https://w.soundcloud.com/player/?url=https%3A//api.soundcloud.com/tracks/1404040996&color=%23ff5500&auto_play=false&hide_related=false&show_comments=true&show_user=true&show_reposts=false&show_teaser=true“></iframe>

  • Daling van de mannelijke vruchtbaarheid is een wereldwijd fenomeen dat zich versnelt 

    Daling van de mannelijke vruchtbaarheid is een wereldwijd fenomeen dat zich versnelt 

    Vervuiling en veranderingen van levensstijl veroorzaken een versnelde afname van de spermaconcentratie bij mannen. Volgens een meta-analyse die op dinsdag 15 november werd gepubliceerd geldt deze afname nu wereldwijd.

    De snelle daling van de mannelijke vruchtbaarheid betreft niet alleen de landen in het noorden, maar geldt voor de hele wereld. De afname vertraagt en stabiliseert niet, maar neemt sterk toe. Dat zijn de belangrijkste conclusies van het meest uitvoerige overzicht tot nu toe over de daling van de spermaconcentratie bij mannen. Het rapport werd op dinsdag 15 november gepubliceerd in het tijdschrift Human Reproduction Update.

    De afgelopen twintig jaar is er veel onderzoek gedaan naar de oorzaken van deze afname. Onderzoekers wijzen op individuele factoren die verband houden met levensstijl (roken, veel zitten, voeding et cetera), en milieufactoren die verband houden met luchtverontreiniging, diverse geneesmiddelen en de alomtegenwoordigheid van bepaalde synthetische stoffen in het milieu en in de voedselketen (met name weekmakers en pesticiden).

    Epidemiologen Hagai Levine (van de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem) en Shanna Swan (Mount-Sinai School of Medicine in New York) verzamelden samen met een team collega’s de resultaten van alle gepubliceerde studies over dit onderwerp, dat zijn er enkele honderden. Ze bekeken gegevens van meer dan vijftig landen uit de periode tussen 1973 en 2018.

    Uit hun resultaten blijkt dat de gemiddelde concentratie van voortplantingscellen in sperma van de algemene mannelijke bevolking in die 46 jaar daalde van 101 miljoen per milliliter (M/ml) tot 49 M/ml. We spreken bij dat niveau van een ‘subfertiele’ man, aldus Swan, ofwel: een minder vruchtbare man. ‘Betrouwbare gegevens wijzen erop dat ook in de rest van de wereld sprake is van een sterke en aanhoudende achteruitgang,’ zegt Levine bovendien.

    Alarmerend

    Het gemiddelde dalingspercentage ligt wereldwijd op 1,16 procent per jaar. Sinds het begin van de eenentwintigste eeuw, in de periode 2000-2018, verdubbelde dat percentage tot 2,64 procent. De auteurs omschrijven deze versnelling als ‘alarmerend’. ‘Onze resultaten zijn de kanarie in de kolenmijn,’ zegt Levine. ‘We hebben te maken met een ernstig probleem dat, indien we het niet in bedwang kunnen houden, bedreigend kan zijn voor het voortbestaan van de mensheid.’ 

    Opmerkelijk aan het onderzoek is de vaststelling dat de vruchtbaarheidsafname ook geldt voor Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse landen. Hetzelfde onderzoeksteam publiceerde in 2017 soortgelijke ramingen voor de periode 1973-2011, maar kon destijds alleen gegevens verzamelen uit Europa, Noord-Amerika, Nieuw-Zeeland en Australië; de informatie uit de rest van de wereld was schaars en wijdverspreid. Studies over de situatie in Afrika, Azië en Zuid-Amerika die sindsdien zijn gepubliceerd, bevestigen volgens de auteurs dat de achteruitgang een mondiaal verschijnsel is. En de snelheid van de afname in deze gebieden is ‘zeer vergelijkbaar’ met de afname die eerder werd beschreven voor westerse landen, aldus Swan.

    Met elk decennium lijkt de afname bovendien sneller te gaan: 1,16 procent per jaar voor gegevens van na 1973, 1,3 procent per jaar na 1985, 1,9 procent per jaar na 1995 en 2,64 procent per jaar sinds 2000. ‘Ik had niet verwacht dat het percentage meer dan verdubbeld zou zijn,’ aldus Swan. 

    Het is moeilijk om de gedrags- en chemische oorzaken strikt te scheiden

    ‘De plausibele oorzaken vallen uiteen in twee groepen. Ze zijn het resultaat van levensstijl – roken, zwaarlijvigheid, stress, comazuipen en dergelijke – en van chemicaliën in het milieu, met name hormoonontregelaars zoals ftalaten en bisfenol A [weekmakers] of zware metalen zoals lood,’ zegt Swan. ‘Er is veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar het effect van levensstijl op de voortplantingsfunctie. Kennis over het effect van bepaalde chemische stoffen is van recenter datum, maar eveneens overtuigend.’

    Het is overigens moeilijk om de gedrags- en chemische oorzaken strikt te scheiden, waarschuwt de Amerikaanse onderzoeker, omdat ‘sommige chemische stoffen gevolgen kunnen hebben voor factoren die worden toegeschreven aan levensstijl, zoals zwaarlijvigheid’. Zo bevatten ultrabewerkte levensmiddelen regelmatig producten die het metabolisme kunnen veranderen, gewichtstoename kunnen bevorderen of de voortplantingsfuncties kunnen wijzigen. 

    Algemene gezondheid

    ‘Wij pleiten nadrukkelijk voor wereldwijde actie ter bevordering van een gezondere omgeving en vermindering van blootstelling aan [chemische] stoffen, en we bepleiten een gedegen aanpak van gedrag dat onze reproductieve gezondheid bedreigt,’ zegt Levine. Maar een heel reëel scenario lijkt dit pleidooi voorlopig niet: de herziening van de EU-verordening inzake chemische stoffen (Reach) is uitgesteld tot eind 2023. Die herziening moet de regelgeving van het Groen Pact van Ursula von der Leyen aanscherpen, zodat een groot aantal gevaarlijke stoffen uit de markt kan worden verwijderd.

    De afname van de kwaliteit van sperma is overigens slechts een van de factoren die een rol spelen bij onvruchtbaarheid of verminderde vruchtbaarheid van paren. ‘Het is zeer waarschijnlijk dat de daling van het aantal zaadcellen een rol speelt bij steeds meer voorkomende vruchtbaarheidsstoornissen, maar het is lastig vast te stellen in welke mate,’ zegt epidemioloog Rémy Slama, hoofd van het Inserm (Frans Nationaal Instituut voor Gezondheid en Medisch Onderzoek). ‘Hoe dan ook is het misleidend om te denken dat medisch geassisteerde voortplanting het vruchtbaarheidsprobleem kan oplossen. De afname van de kwaliteit van het sperma houdt ook verband met andere verschijnselen, zoals de toename van het aantal gevallen van zaadbalkanker, die bijvoorbeeld in Frankrijk de afgelopen dertig jaar een factor 2,5 bedroeg, en misvormingen van het mannelijk voortplantingssysteem, die eveneens steeds vaker voorkomen.’

    Swan wijst erop dat ook onder vrouwen sprake is van verminderde vruchtbaarheid. Volgens de Amerikaanse onderzoeker daalt de vruchtbaarheid bij mannen en vrouwen waarschijnlijk in hetzelfde tempo. De reden waarom over dat laatste minder wordt gesproken, voegt Swan eraan toe, is eenvoudig: ‘Het is veel moeilijker om eicellen te tellen dan sperma.’

    Lees ook:

  • Door de oorlog amputeren deze kinderarts en plastisch chirurg nu armen en benen

    Door de oorlog amputeren deze kinderarts en plastisch chirurg nu armen en benen

    In Oekraïne behandelen artsen in plaats van de gebruikelijke patiënten nu oorlogsslachtoffers. Revista 5W ging langs bij een ziekenhuis in Odessa en een in Dnipro, waar veel zorgmedewerkers gebukt gaan onder de verschrikkingen die ze dagelijks te zien krijgen.

    ‘Dit is andere koek,’ zegt Irakli Belestov. Iets waaraan noch hij, noch zijn collega’s in het kinderziekenhuis in Odessa kunnen wennen. Dit zijn geen baby’s met een aangeboren ziekte, geen kinderen met hartproblemen. Het gaat niet om breuken bij jongeren door ongelukken – die genezen ze al jaren. 

    Wat de hoofdchirurg van dit ziekenhuis bedoelt, is dat hij nu kinderen ontvangt die een ander soort letsel hebben opgelopen. Met ‘andere koek’ bedoelt hij: oorlog. ‘Gisteren konden ze voetballen en vandaag moeten ze een been of arm laten amputeren. Het is een schok voor de artsen, maar vooral voor de ouders. Het is moeilijk om aan te zien. Het is niet normaal. We zijn gewend aan patiënten met andere problemen. Maar dit is iets anders.’

    Belestov is nog niet gewend geraakt aan deze verschrikkelijke nieuwe situatie. Misschien gebeurt dat ook nooit. Misschien is het een cliché om te denken dat professionals – een chirurg, een journalist, een boer, een taxichauffeur – kunnen wennen aan de dagelijkse pijn van oorlog. Belestov zegt dat sinds het begin van de Russische invasie in Oekraïne tussen de vijftien en twintig minderjarige patiënten met oorlogswonden in zijn ziekenhuis zijn behandeld. Een veel groter aantal moest worden doorverwezen naar andere ziekenhuizen.

    ‘Het is psychologisch erg zwaar om hiermee om te gaan, maar als wij het niet doen, doet niemand het’

    Deze gevallen achtervolgen hem en zijn collega’s en herinneren hen, ook op de rustige dagen in Odessa, aan de gebeurtenissen aan het front en in gebieden die regelmatig onder vuur liggen. ‘Ik ben niet alleen arts, maar ook een mens, ik ben een vader. We doen alles wat we kunnen om patiënten te helpen, omdat we willen dat ze in de toekomst een normaal leven kunnen leiden. Het is psychologisch erg zwaar om hiermee om te gaan, maar als wij het niet doen, doet niemand het.’

    Er is een overvloed aan werk in dit ziekenhuis, dat niet alleen Odessa bedient, maar ook het zwaar getroffen Mykolajiv verder naar het oosten, en de rest van Zuid-Oekraïne. Doordat andere ziekenhuizen in de regio in onbruik zijn geraakt, is dit ziekenhuis, dat goed staat aangeschreven, een referentiepunt geworden voor medische zorg aan minderjarigen. De metamorfose van dit ziekenhuis komt niet alleen door de komst van oorlogsgewonden – die vormen een minderheid – maar vooral door de zorg voor zwangere vrouwen en kinderen die bescherming zochten tegen bommen. Alle contradicties die gepaard gaan met het streven naar medische dienstverlening in een land dat in oorlog is, in een gebied dat soms niet in oorlog lijkt te zijn, komen hier samen.

    Mickey Mouse

    Het is een groot ziekenhuiscomplex, met een kinderspeelplaats bij de ingang, een kiosk en zelfs enkele winkels. Er is geen sprake van luxe, uitbundigheid of decadentie. Binnen zijn er lange gangen met stickers van Mickey Mouse en SpongeBob op de deuren. Afdelingen voor hart-, thorax- en buikchirurgie. Aquarellen van bijen, vissen, galopperende paarden met landschappen op de achtergrond. Een afdeling neonatale intensive care met open couveuses en dekens met beertjes en kleuren. ‘De situatie is verbeterd, omdat we hulp kregen,’ zegt Natalia Sivolap, hoofd van de afdeling. Ze heeft halflang blond haar en om haar nek hangen een stethoscoop, een parelketting en een gouden kruis.

    Langs haar loopt een verpleegster in roze pyjama en hemelsblauw schort naar een van de baby’s. Sivolap onderstreept dat ze nog steeds behoefte aan hulp hebben, en ze legt uit aan wat precies. Als ze door het ziekenhuis loopt, is het nagenoeg onmogelijk om haar bij te houden: je moet bijna rennen. Ze wordt begroet door artsen, verpleegkundigen en patiënten. Een dame zegt haar gedag, pakt haar hand, betuigt genegenheid en deelt haar kennelijk iets mee in vertrouwen. Het gebeurt snel en Sivolap, die ook de waarnemend medisch directeur van het ziekenhuis is, vervolgt alweer haar tocht door de ingewikkelde gangen van het gebouw.

    ‘Als je met oorlogsgewonden werkt, vraag je je af: Waarom? Waarvoor?’

    ‘De eerste keer dat ik hier kwam, verdwaalde ik,’ grapt ze. Als we in een vergaderzaal gaan zitten om te praten, wordt ze ernstiger. ‘Veel kinderen in het ziekenhuis komen niet alleen uit Odessa, maar ook uit [het door Rusland bezette] Cherson of Mykolajiv. Er staat dus grote druk op de medische staf. De situatie zorgt voor problemen met hun geestelijke gezondheid. Er zijn kinderen die hier komen nadat ze hun huis en hun familie hebben verloren. Het medische personeel heeft psychologische steun nodig, net als de ouders van kinderen die oorlogsverwondingen hebben opgelopen. Als je een kind ziet dat opzettelijk is verwond, dan is dat erg pijnlijk. Het maakt me woedend, net als iedereen in het ziekenhuis. Het is moeilijk te bevatten waarom dit gebeurt. Als je met oorlogsgewonden werkt, vraag je je af: Waarom? Waarvoor?

    Sivolap herinnert zich een nacht waarin twee kinderen in het ziekenhuis aankwamen die gewond raakten door Russische beschietingen. Ze herinnert zich een meisje dat een aanval in de buurt van Odessa meemaakte en waarvan beide voeten moesten worden geamputeerd. Ze herinnert zich een kind uit Mykolajiv met beschadigde inwendige organen, dat uiteindelijk naar een ander ziekenhuis werd doorverwezen. ‘Maar andere ziekenhuizen hebben nog ernstiger problemen.’

    Oorlogsziekenhuis

    Sivolap plaatst alles in een context. Een paar dagen geleden woonde ze een webinar waar Oekraïense deskundigen vreselijke verwondingen van soldaten lieten zien die zij hier niet heeft gezien. Dit is nog steeds een ziekenhuis voor moeder en kind en geen oorlogsziekenhuis. Natalia pretendeert niet de stress en druk van haar werk te kunnen vergelijken met dat van een militair hospitaal.

    Doorgaans is de gedachte dat oorlog bestaat uit gevechten en bombardementen en dat degenen die direct lijden de oorlogsslachtoffers zijn. De rest is slechts een neveneffect. Maar dat moet hoognodig worden herzien, want als de middelen en de aandacht naar elders verschuiven, wordt ‘de rest’ plotseling te veel. Om het bij de gezondheidszorg te houden: kanker- en hartpatiënten en mensen die aan zeldzame ziekten lijden of die een operatie of gynaecologische zorg nodig hebben, kunnen geen van allen wachten tot een oorlog voorbij is.

    Soms loopt alles door elkaar. De negentienjarige Diana Roesina ligt met haar baby in een kamer met vier bedden. Het is nog niet koud in Odessa, maar de verwarming draait al op volle toeren. Roesina is een paar dagen geleden bevallen, ze was al zwanger toen de oorlog begon. Ze woonde in een klein dorp in de provincie Cherson en wist te ontsnappen aan de Russische bezetting. ‘We werden wakker op 24 februari en ze belden ons om te vertellen dat de oorlog was begonnen. We geloofden het niet.’

    ‘Sommige ziekenhuizen in Cherson zijn verwoest, en de ziekenhuizen die nog functioneren zijn er alleen voor het Russische leger…’

    ‘We waren bang omdat het luchtalarm steeds afging en daarna was er vuur, klonken schoten… We besloten in de kelder te schuilen. Het was koud en er waren voedseltekorten. De buren hielpen ons, we deelden voedsel. We hebben zeven dagen en zeven nachten in de kelder geschuild, maar dat kon niet langer vanwege de kou, dus begonnen we een deel van de dag boven door te brengen bij het vuur. Uiteindelijk besloten we Cherson te verlaten. We vonden een man met een auto die mensen hielp met evacueren. Alles ging goed, maar bij de laatste controlepost in het door Rusland bezette gebied stonden enkele Tsjetsjeense soldaten, die op auto’s en mensen begonnen te schieten.’

    Roesina kwam uiteindelijk met haar moeder aan in Mykolajiv, op twee uur rijden van Odessa. Haar man bleef achter in door Rusland bezet gebied, maar had ook alle reden om te vluchten. ‘Op een dag zochten soldaten hem op, sloegen hem, deden een zak over zijn hoofd, bonden zijn handen vast, richtten een pistool op zijn slaap. Ze namen hem mee naar een weiland en ontdeden hem van zijn kleren. Ze plunderden ons huis, namen alles mee.’

    Roesina’s man moest bij sommige controleposten betalen om verder te mogen. Hij wist uit de door Rusland gecontroleerde gebieden te komen en kwam in Odessa aan om zich bij Diana te voegen. Het ergste was achter de rug. ‘Sommige ziekenhuizen in Cherson zijn verwoest, en de ziekenhuizen die nog functioneren zijn er alleen voor het Russische leger… Ik was ingeschreven bij een ziekenhuis en had er tot 24 februari medische controle, maar vanaf dat moment tot aan mijn aankomst in Odessa niet meer.’

    In het ziekenhuis in Odessa kon Diana terecht voor gynaecologische controles en daar is ze ook bevallen. Cherson ligt iets meer dan tweehonderd kilometer verderop, maar lijkt te bestaan in een parallelle dimensie, omdat het door Rusland is bezet. Maar Roesina legt zich er niet bij neer. Deze ontheemding is tijdelijk, veel mensen die de oorlog zijn ontvlucht denken zo. ‘We hopen dat Oekraïne Cherson zal heroveren en als dat gebeurt gaan we terug, omdat we daar ons huis en ons werk hebben. Ik hoop dat dat in de nabije toekomst zal zijn, hopelijk voor Kerstmis.’ Tijdens ons gesprek huilt de baby een paar keer met gesloten ogen. Diana kijkt naar hem. Even lijkt het of hij wakker wordt, maar dan slaapt hij verder.

    Vrijwillig chirurg

    Ziekenhuizen veranderen en artsen veranderen. Vjatsjeslav Dolenko had een privékliniek in Kyiv en woonde in Irpin, aan de rand van de hoofdstad. Hij was onder andere cosmetisch chirurg. Hij had een flat gekocht, zijn leven liep op rolletjes. Maar na 24 februari veranderde alles. Hij raakte zijn werk kwijt, de kliniek verdween, zijn huis werd vernietigd. Zijn vrouw en zoon verlieten het land en hij ging naar Vinnytsja, in het hart van Oekraïne. Daar werkt hij nu in een militair hospitaal. ‘Nu ben ik vrijwillig chirurg. Ik word niet betaald, ons land is in oorlog en ik begrijp dat ik nodig ben. Ik werk met soldaten en burgers die schotwonden hebben of verwondingen door explosies.’

    De vrijwilligersnetwerken gingen op volle toeren draaien toen de Russische invasie begon. Zij ondersteunen ontheemden, autoriteiten en strijdkrachten. De grens tussen civiel en militair is vervaagd en overal wordt alles ingezet wat voorhanden is. ‘Ik ben niet de enige, er zijn meer chirurgen en verpleegkundigen in het land die gratis werken – omdat het nodig is en omdat we geen keus hebben,’ zegt Dolenko. ‘Als we het niet doen, verliezen we ons land.’

    ‘Ik ben verrast door wat er gebeurt. Toen de oorlog begon, verdwenen alle problemen. Hiervoor hadden we ieder onze eigen conflicten of geschillen, met de buurman, met andere klinieken, met een of ander bedrijf, we concurreerden met elkaar – maar dat hield allemaal op en we werden één geheel dat werkt voor hetzelfde.’ Er is meer dan een half jaar verstreken, maar zowel de persoonlijke als gemeenschappelijke omstandigheden die de chirurg beschrijft wijzen op een noodsituatie die niet afneemt. Hij zegt dat hij geen last heeft van stress, hij begrijpt niet hoe hij het allemaal doet, maar hij blijft werken. ‘Ik hoop terug te gaan naar plastische chirurgie. Maar nu moet ik dit doen.’

    Sinds het begin van de Russische invasie heeft de WHO 550 aanvallen op medische voorzieningen in Oekraïne geregistreerd

    In elke oorlog is gezondheidszorg een van de sectoren die het meest te lijden heeft. Oekraïne is geen uitzondering. Sinds het begin van de Russische invasie heeft de Wereldgezondheidsorganisatie 550 aanvallen op medische voorzieningen in Oekraïne geregistreerd. De behoefte aan voorraden is het grootst in gebieden die door de gevechten worden getroffen, maar ook in gebieden zoals Odessa, waar een deel van de zeven miljoen mensen wordt opgevangen dat door het conflict in Oekraïne ontheemd is geraakt.

    ‘Sinds het begin van de oorlog zijn veel gezondheidswerkers naar Europa vertrokken,’ zegt Pavel Vasiljevitsj, directeur van het kinderziekenhuis van Odessa. ‘Degenen die zijn gebleven hebben nu meer patiënten, maar ze weten waarom ze hier werken, ze kennen hun prioriteiten: de mensen, de regio en het land.’ In zijn kantoor legt hij kalm de situatie in het ziekenhuis uit. Hij is zo iemand die je met zijn ogen gerust weet te stellen. Een vaardigheid die hem helpt bij het uitvoeren van een van zijn taken als directeur: zorgen voor de geestelijke gezondheid van het zorgpersoneel. Hij vertelt dat hij de meest gestreste werknemers een week vrij probeert te geven, hij zorgt voor versnaperingen tijdens de vergaderingen en stimuleert dat ze elke gelegenheid aangrijpen om elkaar te steunen, om samen te werken.

    ‘Misschien begint Rusland morgen nieuwe aanvallen en moeten we weer 24/7 werken’

    ‘Het is heel belangrijk dat we humanitaire hulp krijgen. Niet alleen fysiek, maar ook mentaal; anders voelt het alsof we er alleen voor staan. Er zijn veel artsen uit het Verenigd Koninkrijk, Spanje of Italië die mij gebeld hebben en hulp hebben aangeboden. Sommigen kwamen ons met de auto voorraden brengen. Dankzij dat soort hulp voelt het medisch personeel zich gesteund, het zorgt ervoor dat ze meer en beter kunnen werken.’

    Zijn ziekenhuis is een van de Oekraïense ziekenhuizen die steun hebben ontvangen van Farmamundi, een ngo die grote voorraden geneesmiddelen en medische benodigdheden naar het hele land heeft gestuurd. Een ander is het Mechnikov-ziekenhuis, in de stad Dnipro die wordt doorkruist door de gelijknamige rivier, in het centrum van Oekraïne. Net als Odessa bedient dat ziekenhuis nu niet langer alleen de eigen provincie, maar ook andere door de oorlog getroffen gebieden. Gewonde patiënten – zowel burgers als militairen – komen er uit verschillende delen van Oost- en Zuid-Oekraïne heen voor een operatie. Het belang van dit ziekenhuis was al voor de oorlog van 2022 bekend.

    ‘Dit ziekenhuis heeft een geschiedenis, het was belangrijk tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog,’ zegt het hoofd van de medische afdeling; zijn naam en die van zijn collega’s verschijnen om veiligheidsredenen niet in dit verslag. ‘Nu is het opnieuw een strategische plek.’

    Geen keuze

    Het werk is sterk toegenomen sinds Rusland zijn invasie van Oekraïne begon. Het ziekenhuis is vol, bevestigt ook de hoofdzuster terwijl ze dozen met medicijnen uitlaadt in het magazijn. ‘Al tijdens de pandemie werkten we hard. Nu is het type patiënten veranderd; vroeger was het ziekenhuis gericht op corona en nu is het er voor oorlogsgewonden. Ze komen uit Mykolajiv, Donetsk, Charkiv… Eerst krijgen ze medische zorg en als het nodig is, worden ze hierheen gebracht. Als ze aan de beterende hand zijn, verwijzen we ze door naar andere centra.’

    Zij en haar collega’s berusten in de toegenomen werkdruk die de oorlog met zich meebrengt. Ze herhalen op verschillende manieren steeds dezelfde opvatting: het is wat het is, er is geen andere keuze, we hebben geen andere optie. ‘We werken hard, net als de monteurs, de ingenieurs… Het is moeilijk, maar niet onmogelijk.’ Ze wil benadrukken dat de inspanning collectief is: dat was zo tijdens de ergste maanden van de pandemie en nu is dat weer zo. De beheerder van de apotheek, die heen en weer loopt om de dozen met medicijnen te controleren, zegt: ‘Aan het begin van de oorlog werkten we vierentwintig uur per dag, zeven dagen per week en hadden we geen vakantie,’ zegt ze. ‘Nu is de situatie stabieler en hebben we wat meer tijd… Maar wie weet? Misschien begint Rusland morgen wel nieuwe aanvallen en moeten we weer 24/7 werken.’

    ‘Morgen’ werd het niet, maar wel kort erna. Dit gesprek vond plaats op 23 september. Op 10 oktober – een dag nadat Vladimir Poetin Oekraïne beschuldigde van de explosie op de brug die zijn land met de Krim verbindt – lanceerde Rusland een gecoördineerde aanval met 83 raketten op verschillende plekken in Oekraïne, waaronder Dnipro.

    Deze reportage werd mogelijk gemaakt dankzij een samenwerking met de ngo Farmamundi.

    Toen de Russische invasie in Oekraïne begon, stelde Farmamundi haar noodprotocol in werking en richtte zich op twee hoofdzaken: levering van medicijnen en medische voorraden en directe humanitaire actie in het land, in samenwerking met de lokale ngo’s Gender Bureau en IDC.

    Naast de eerste distributie van voedsel- en hygiënepakketten verleent de ngo ook psychische steun en juridisch advies aan vluchtelingen in Oekraïne en asielzoekers in Moldavië en Servië. In de komende vijftien maanden zal Farmamundi zich concentreren op het opzetten en bestieren van centra voor tijdelijk verblijf voor binnenlandse ontheemden. Daarbij wordt prioriteit gegeven aan geestelijke gezondheidszorg en psychosociale steun, met de nadruk op vrouwen en kinderen.

  • Haïti: VN vreest ‘explosie’ van choleragevallen

    Haïti: VN vreest ‘explosie’ van choleragevallen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Biden waarschuwt voor nucleair ‘armageddon’

    » Paaseiland: heilige beelden beschadigd door brand

    Haïti meldt eerste doden door cholera in drie jaar tijd

    De VN vreest voor een ‘explosie’ van choleragevallen in Haïti. Ziekenhuizen in het land kampen met een gebrek aan brandstof, waardoor ze geen adequate zorg meer kunnen leveren, meldt Al-Jazeera. Het brandstoftekort is ontstaan doordat gewapende bendes de belangrijkste olieterminal van het land sinds half september blokkeren.

    ‘Doordat de toegang tot drinkwater en de gezondheidszorg ernstig verstoord is‘, is Haïti nu ‘een tijdbom die op het punt staat om te ontploffen’, aldus de zender. Sinds de ontdekking van de cholerabacil in het land, die via water wordt overgedragen, zijn elf gevallen bevestigd en honderdelf vermoedelijke besmettingen vastgesteld, voorlopig alleen in de hoofdstad Port-au-Prince. In de ziekenhuizen zijn twee mensen overleden aan de gevolgen van de ziekte. Cholera heeft in Haïti tijdens een epidemie die van 2010 tot 2019 duurde aan meer dan tienduizend mensen het leven gekost.

    Lees ook: